Groningen wordt opnieuw ingericht. Maar juist nu liggen er kansen die we samen, Groningers moeten grijpen
De provincie Groningen heeft 27 mei 2026 de nieuwe Omgevingsvisie vastgesteld: “Dit wordt Groningen”. Een document dat richting geeft aan de toekomst van onze provincie tot 2050. Het gaat over wonen, energie, landbouw, industrie, natuur, water, bereikbaarheid en leefbaarheid.
Dat klinkt bestuurlijk en technisch. Maar in werkelijkheid gaat het over iets wat iedere inwoner raakt.
Hoe ziet Groningen er straks uit?
Kunnen en willen jongeren hier blijven wonen?
Blijven dorpen leefbaar?
Houdt het Ommeland voldoende invloed?
Wat gebeurt er met landbouw en landschap?
Wie profiteert van nieuwe industrie en energieprojecten?
En misschien wel de belangrijkste vraag: blijft Groningen van de Groningers?
Want de komende twintig jaar verandert onze provincie ingrijpend.
Er komen nieuwe woningen.
Nieuwe energieprojecten.
Meer druk op het elektriciteitsnet.
Nieuwe industrie.
Veranderingen in landbouw en natuurbeheer.
Nieuwe infrastructuur.
Wateropgaven.
En steeds grotere claims op de ruimte die Groningen nog heeft.
Dat zorgt bij veel inwoners voor twijfel en soms ook wantrouwen. Begrijpelijk. Groningen heeft geleerd voorzichtig te zijn wanneer grote plannen worden gepresenteerd als “goed voor de toekomst”.
Het gasdossier heeft diepe sporen achtergelaten. Decennialang profiteerde Nederland van Gronings gas, terwijl de schade, onzekerheid en frustratie hier achterbleven. En nog steeds achterblijven. Veel inwoners hebben daardoor het gevoel gekregen dat besluiten vaak over Groningen worden genomen in een ander deel van Nederland, maar niet mét Groningen.
Juist daarom is het belangrijk dat inwoners zich nu niet afwenden van de toekomst, maar zich ermee bemoeien.
Want naast zorgen liggen er op dit moment ook uitzonderlijk grote kansen voor Groningen.
Voor het eerst in lange tijd staat Groningen niet alleen landelijk in beeld vanwege problemen, maar ook vanwege mogelijkheden. Onze provincie speelt een sleutelrol in de energietransitie, waterstofontwikkeling, industrie, kennisontwikkeling, landbouwinnovatie en de economie van Noord-Nederland.
En daar komt nog iets bij.
Met programma’s als Nij Begun, de Economische Agenda voor Groningen en Noord-Drenthe en de Sociale Agenda komt er de komende jaren veel geld en aandacht richting deze regio. Dat biedt kansen die Groningen lange tijd niet heeft gehad.
Nij Begun moet bijdragen aan herstel van vertrouwen en perspectief na het gasdossier. Niet alleen via schadeherstel en versterking, maar juist ook door te investeren in leefbaarheid, kansen voor jongeren, onderwijs en de kwaliteit van wonen en leven.
De Economische Agenda richt zich op werkgelegenheid, innovatie, kennisontwikkeling en economische versterking van de regio. Daarbij gaat het niet alleen om grote bedrijven of havens, maar ook om mkb, onderwijs, techniek en nieuwe economische kansen voor inwoners zelf.
Daarnaast moet de Sociale Agenda ervoor zorgen dat niet alleen de economie groeit, maar dat mensen het ook daadwerkelijk beter krijgen. Want brede welvaart gaat niet alleen over geld of groei, maar ook over gezondheid, kansen, voorzieningen, veiligheid, verbondenheid en vertrouwen.
Juist daar ligt nu misschien wel de grootste uitdaging.
Want geld alleen maakt Groningen niet sterker.
Dat lukt alleen wanneer inwoners ook daadwerkelijk merken dat hun omgeving verbetert. Wanneer jongeren hier toekomst zien. Wanneer dorpen leefbaar blijven. Wanneer voorzieningen bereikbaar blijven. Wanneer inwoners invloed voelen op wat er gebeurt.
En precies daarom mogen deze plannen niet alleen bestuurlijke projecten worden.
Dit is het moment waarop inwoners zelf mee moeten denken en mee moeten praten.
Niet alleen protesteren als iets ongewenst is.
Maar ook aangeven wat wél nodig is.
Wat voor economie willen we?
Welke industrie past bij Groningen?
Hoe houden we dorpen leefbaar?
Welke voorzieningen moeten behouden blijven?
Hoe zorgen we dat jongeren hier kunnen wonen én werken?
Hoe beschermen we landschap en identiteit?
Hoe zorgen we dat nieuwe energieprojecten ook iets opleveren voor de regio zelf?
Dat vraagt betrokkenheid van inwoners, dorpen, ondernemers, verenigingen en lokale gemeenschappen.
Want de toekomst van Groningen wordt de komende jaren letterlijk ingetekend op kaarten. Waar gebouwd wordt. Waar energieprojecten komen. Waar natuur groeit. Waar industrie uitbreidt. Waar infrastructuur wordt aangelegd.
Dat zijn geen abstracte beleidskeuzes.
Dat zijn keuzes over hoe mensen straks leven. En die mensen, dat zijn nu juist de twintigers van nu.
Maar, ga niet pas reageren als alles al besloten is.
Groningen hoeft niet opnieuw een provincie te worden waar anderen alleen ruimte komen halen.
Dit kan juist het moment zijn waarop Groningen sterker, eerlijker en toekomstbestendiger wordt dan het in lange tijd is geweest.
Maar dat gebeurt niet vanzelf. Daarvoor moeten alle inwoners, jong en oud niet langs de zijlijn blijven staan.
De invloed ligt vaak in het organiseren, zichtbaar zijn en meepraten. Via sociale media, bewonersgroepen, jongerenorganisaties, lokale initiatieven, vrijwilligerswerk, studentenorganisaties of inspraakavonden kan je veel sneller aandacht vragen voor onderwerpen als wonen, bereikbaarheid, klimaat, voorzieningen en leefbaarheid. Maar ook via dorpsbelangen, wijkverenigingen, maatschappelijke organisaties, ondernemersverenigingen, vrijwilligerswerk, lokale media of rechtstreeks contact met politieke partijen, gemeenteraad en Provinciale Staten kan je veel betekenen.
Juist nu krijgen Groningers eindelijk de kans om die toekomst zelf mede vorm te geven. Daar moeten we met elkaar de schouders onder zetten.
Want wie zich nu niet laat horen, ontdekt later misschien dat anderen onze toekomst al hebben ingevuld.
Dries Zwart
Fractievoorzitter statenfractie Partij vóór het Noorden
