Home > Nieuwsbrieven > Nieuwsbrief 22
Nieuwsbrief 22 PDF Afdrukken E-mail
woensdag, 16 december 2009 13:36
AddThis Social Bookmark Button

Nieuwsbrief 22

Groningen, 5 mei 2004

 

Partij voor het Noorden: Lijst 10

De Rechter van Jesse van Muylwijck

Nieuwsbrief 22: verlaat maar extra dik

De redactie biedt excuses aan voor de verlate komst van deze nieuwsbrief. We wilden even wachten tot ons lijstnummer bekend werd gemaakt. Daarom nu extra informatie over de Europese verkiezingen!

Redactie:
Dana Kamphorst en Hilbert Koetsier, m.m.v. Teun Jan Zanen en Haarm Diek

Foto's:
Tjeerd Oliemans, Geert Staats en Hilbert Koetsier

 

 


Calimero in Den Haag 
door Teun Jan Zanen

Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties organiseerde op 27 april te Den Haag een startbijeenkomst voor de Europese verkiezingen. Alle op dat moment bij de Kiesraad voor die verkiezingen geregistreerde politieke partijen waren uitgenodigd. Twee inleidingen werden beloofd: één van minister Thom de Graaf (onder de titel ‘U komt toch ook’) en één van Atzo Nicolaï, staatssecretaris van Europese zaken.

De smaakmakers van dat ministerie hebben ter opkomstbevordering van de kiezers op 10 juni in al hun wijsheid de volgende slogan bedacht: ‘Europa. Best belangrijk’. Het lijken wel Groningers; die zouden zeggen: “ Europa, ’t kon minder”. Dat moet dan misschien ook maar onze werktitel worden.

Ze hadden nog een verrassing in petto, daar in Den Haag. Alle politieke partijen die in de Tweede Kamer zitten mochten elk in 90 seconden laten horen waar ze voor stonden. Leuke speeches. Maar…., wij mochten niet meedoen. Wij niet en nog twee andere deelnemers aan de Europese verkiezingen niet. Hoe is het mogelijk, een ministerie dat aan politiek doet. Schande! Zo’n ministerie kunnen we missen als kiespijn. Dat dachten we toch al, maar nu helemaal!

Enfin, wij voelden ons daar in Den Haag net even Calimero: “jij bent groot en ik ben klein, en dat is niet eerlijk”.

Maar wat bleek de volgende dag: het geachte ministerie had met z’n actie geen enkel medium weten te bereiken. Geen enkele foto in de krant, geen journaal, geen Den Haag Vandaag, niets.

We moeten en gaan dus een dubbele handicap overwinnen: desinteresse in die Europese verkiezingen, alsmede de nu nog bestaande onbekendheid met de Partij voor het Noorden. Maar, daar ligt misschien ook wel onze kans: deze beide sporen bundelen. Met elan het toekomstperspectief van een stabiel en welvarend Europa van de regio’s uitdragen. Wij zijn tenslotte de voorloper van zo’n nieuwe situatie. Die andere partijen zijn illustraties van ouderwetse, nationale politiek. Wij vertegenwoordigen daarentegen de toekomst van Europa! Europa gebaseerd op sterke regio’s met veel autonomie. Wij trachten daarom de steun te verwerven van iedereen die Europa dicht bij huis wil halen en die zelf weer over de zaken om zich heen wil kunnen beslissen (in plaats van dat het veraf gelegen Den Haag dat doet).

Teun Jan Zanen


(5 mei 2004)

 


De werkgeversclub! 
door Teun Jan Zanen

Alle begin is moeilijk. Ik kreeg een uitnodiging van VNO/NCW-Groningen, de overkoepelende werkgeversorganisatie in de provincie Groningen. Deze organiseerde een discussieavond over de Europese verkiezingen. Heel nobel. De brede werving had zo’n 30 ondernemers naar de Martini-plaza gelokt. Dat hield niet over.

De uitnodiging had ik te danken aan een interventie van Harm Post van Groningen Seaports. Hij had in een bestuursvergadering van VNO/NCW-Groningen, een week eerder, ervoor gepleit dat de Partij voor het Noorden ook aan deze avond zou moeten meedoen. Wat bleek. Bij aankomst, in gesprek met de secretaris, werd mij duidelijk gemaakt dat ik toch niet in het forum zitting kon nemen. Vanuit de zaal zou ik ongetwijfeld een bijdrage aan de discussie kunnen geven (slik). Voor de bijeenkomst begon had ik nog een leuk gesprekje met een ondernemer uit Heerenveen. Opeens vroeg hij of ik in Groningen Statenlid voor de SP was. Wat bleek, de badge die de organisatie mij had opgespeld vermeldde: T.J. Zanen, Statenlid Provincie Groningen voor de SP. En zo stond ik ook op de deelnemerslijst vermeld.

In het forum zaten twee Europarlementariers: Doorn van het CDA en Mulder van de VVD. Mulder verweet het CDA dat zij een Berlusconi-partij was, vanwege het feit dat het CDA onlangs weigerde in het Europese Parlement tegen de praktijken van het gelijkschakelen van alle media in Italië te stemmen. De CDA’er op zijn beurt meende dat de VVD in Nederland tegen Europa is en zich in Europa juist zeer liberaal gedraagt, samen met hun D66-companen. “Je weet dus beslist niet wat je, wat Europa betreft, aan de VVD hebt,” stelde hij. Mijn poging om de Partij voor het Noorden nog wat in beeld te brengen werd door de ‘moderator’, Roel Barkhof, slechts uiterst beperkt toegestaan.

Aan de borrel na afloop van deze treurige bijeenkomst heb ik dan ook maar niet meer deelgenomen. Binnenkort spreken we nog een keer met de secretaris van het VNO/NCW. Misschien dat hij ons op een andere manier alsnog de mond gunt. Tenslotte pretenderen de werkgeversorganisaties altijd dat ook zij hart voor de regio hebben en een veel nauwer samenwerkend Noorden zouden toejuichen! 

Teun Jan Zanen


(5 mei 2004)

 


Antwoord op ICT vragen
Vanuit de fractie 

door statenfractie Groningen

Zoals u in de vorige Nieuwsbrief kon lezen, heeft de fractie van de Partij voor het Noorden naar aanleiding van een faillissement van een ICT bedrijf aan het college van Gedeputeerde Staten schriftelijke vragen gesteld. Het college van de provincie Groningen heeft ruim de tijd genomen om de vragen van de Partij voor het Noorden over de ICT-sector te beantwoorden. Die beantwoording leidt nu gelukkig tot een grotere duidelijkheid inzake het ICT-beleid van de provincie.

De Partij voor het Noorden wilde onder andere weten welke bijdrage de provincie levert aan de ontwikkeling van het internet-knooppunt Groningen Internet Exchange (GN-IX). Zo’n dataknooppunt kan heel veel digitale informatie verwerken, maar daar moet dan wel behoefte aan zijn. Om die behoefte te stimuleren, zo meldt het college, worden op zijn initiatief de glasvezelnetwerken (netwerken voor datatransmissie) in de provincie aan het knooppunt GN-IX gekoppeld. Via GN-IX zijn deze netwerken dan aan het grote, wereldwijde internet gekoppeld. En daarmee is de GN-IX goed op weg het belangrijkste internetcentrum van Noord-Nederland te worden. 

Zernikeborg in Groningen (foto: STUG video)Op het Zernike Sciencepark is ook een glasvezelnetwerk aangelegd. Wij vernamen dat kleinere ondernemers daar weinig gebruik van maken. Volgens het college is dat ook niet de bedoeling. Dit glasvezelnetwerk is vooreerst alleen voor echt grote afnemers. We vinden dit jammer, maar omdat er goede alternatieven zijn (bijv. draadloze verbindingen), zal dit probleem door marktwerking wel op zijn pootjes terecht komen.

Ook wilde de Partij voor het Noorden meer duidelijkheid over de rol van het aan de gemeente Groningen gelieerde bedrijf SIG Real Estate. Dit bedrijf zorgt voor bedrijfsruimte voor onder meer ICT bedrijven (bevestigt het college). Maar SIG doet meer: het bemoeit zich ook met de exploitatie van datanetwerken – onder de naam SIG Telehousing, zo meldt het college. De Partij voor het Noorden zette vraagtekens bij dat feit. Is het wel verstandig om een aan de overheid gerelateerde “verhuurder van bedrijfsgebouwen” zich te laten bemoeien met een specialistisch vak als de implementatie en exploitatie van datanetwerken? Het college is het met de Partij voor het Noorden eens dat Groningen in principe uitstekende mogelijkheden heeft om internationaal mee te doen met ontwikkelingen op ICT-gebied. Het college bevestigt dat Groningen is aangesloten op een belangrijke Europese netwerkring – doordat er een breedbandverbinding is met Hamburg. Het is alleen nog wachten op klanten die daar gebruik van gaan maken (maar die komen er vast!).

Het uiteindelijke doel van de provincie is natuurlijk om door te investeren in goede ICT-faciliteiten, hoogwaardige werkgelegenheid te creëren. Dus moeten (grote) ICT-bedrijven zich hier gaan vestigen! Maar dan moet de internationale ICT-wereld wel weten wat we in Groningen allemaal in huis hebben. Het college zegt dat daar hard aan gewerkt wordt. 
De Partij voor het Noorden ziet de resultaten verwachtingsvol tegemoet.

Al met al laat het bestuur van de provincie Groningen, onder andere via de beantwoording van onze vragen, zien, dat ze actief en gericht met ICT-beleid bezig is. Dat is positief en wij zullen dit beleid op de voet blijven volgen!


(5 mei 2004)

 


Bezoek steunfractie aan Meerstad
Vanuit de fractie 

door statenfractie Groningen

2 April jl. heeft de steunfractie een bezoek gebracht aan de nieuw te bouwen Groningse wijk Meerstad. In Meerstad zullen in de komende jaren ca. 14.000 woningen gebouwd worden, in een groene en waterrijke omgeving.

Net als bij de Blauwe Stad in Oost-Groningen, waarvan de bouw inmiddels is gestart, wordt in Meerstad een groot meer gecreëerd, zodat er volop plaats komt voor watersport. Ook moet er in het gebied plaats zijn voor natuurstro-ken, vanwege de Ecologische Hoofd-structuur. Door de bouw van Meerstad zullen een paar oude dorpen ingelijfd worden: Middelbert, Engelbert en Lageland. We spraken met een paar leden van Dorpsbelangen Lageland, die ons een aantal heikele punten uit de doeken deden. Daarna namen ze ons mee met een toch in en rond Meerstad.

Onze indruk was dat de dorpelingen zich inmiddels hebben neergelegd bij de bouw van Meerstad; maar ze blijven de invulling van de plannen nauwlettend volgen. Zoals: hoe kan het dat stukken land door projectontwikkelaars gekocht werden, toen de planinvulling voor Meerstad nog helemaal niet bekend was? En hoe zullen fietsers in de toekomst van Slochteren naar Stad moeten fietsen? Ook de Partij voor het Noorden zal met de ontwikkelingen blijven meedenken.


(5 mei 2004)

 


Zweeftrein 
door Teun Jan Zanen

Onze bestuurders zijn al vele jaren heel druk met het verbeteren van de verbinding van Noord-Nederland met de Randstad en omgekeerd. Zo ongeveer alles in deze wereld geraakt ondergeschikt aan het doel om liefst de hoofdprijs, de magneetzweefbaan oftewel de zweeftrein, binnen te halen.

Nota Ruimte
Zo wordt de nota Ruimte, die het kabinet onlangs het licht deed zien, door het Samenwerkingsverband Noord-Nederland (SNN), omwille van de positiekeuze van het kabinet inzake de zweeftrein, zeer positief tegemoet getreden. In feite laat het kabinet Noord-Nederland en andere niet-Randstad-regio’s vallen als een baksteen. De keuze van het rijk is duidelijk: voor de ontwikkeling van de Randstad, met zijn verbindingen naar het buitenland. Hoe de andere landsdelen verder moeten blijft onduidelijk, zeker wat instrumenten en financiële budgetten betreft.

De Partij voor het Noorden roept de Noordelijke bestuurders op, wat de ruimtelijke ordening betreft, zelf aan de slag te gaan. Laten wij maar een eigen noordelijke Nota Ruimte maken. Daarin kunnen we dan, gegeven de zaken die het rijk zegt te zullen regelen, onze eigen keuzen verwoorden en kunnen we zelf instrumenten ontwikkelen om onze eigen prioriteiten ook te realiseren. Een aardige opgave voor het SNN of nog liever voor het landsdelig bestuur Noord-Nederland.

Publiek debat zweeftrein
Als Partij voor het Noorden hebben wij ons de afgelopen anderhalf jaar nogal druk gemaakt over het ontbreken van een publiek debat over de Zuiderzeelijn, gekoppeld aan de keuzes van de diverse overheden. Onze aandrang om tenminste het publiek bij het bestuurlijk debat te betrekken werd vooralsnog genegeerd. Laatstelijk, namelijk op 18 februari j.l. , stuurden wij, tezamen met de Stadspartij Groningen, een open brief aan zowel het college van B&W van de stad Groningen als aan het college van Gedeputeerde Staten van de provincie Groningen. Hans Alders is naast commissaris van de koningin ook voorzitter van de Stuurgroep Zuiderzeelijn. De ideale persoon om ons pleidooi voor te leggen.

Maquette
Eén van onze punten was: waarom staat er niet een maquette midden op de Grote Markt of in de hal van het provinciehuis, vrij toegankelijk voor het publiek, met daarin verwerkt de diverse varianten van de Zuiderzeelijn en verdere informatie over de diverse beleidsopties? Wij stelden die vraag in de wetenschap dat er zo’n maquette bestond, die werkeloos in Den Haag in de kelder van het ministerie van Verkeer en Waterstaat was opgeslagen.

Op 28 april (!) kregen wij antwoord op de open brief: de maquette staat nu inderdaad opgesteld in de hal van het provinciehuis. Alders kreeg dat dus voor elkaar. De nodige publiciteit om het publiek hiervan op de hoogte te stellen wordt volgens hem nog geregeld. We zijn benieuwd.

Over het wel en wee van dit gehele project moeten we als Partij voor het Noorden overigens nog maar eens een studiedag beleggen. Het besluit van de Provincie Groningen om een maximale bijdrage van € 240 miljoen (prijspeil 2003) te willen bijdragen aan de aanleg van de zweeftrein-variant, genomen voordat wij in de Provinciale Staten zaten, staat helaas vast. Maar de keuze van varianten beïnvloedt de omvang van de financiële bijdrage voor een Zuiderzeelijn-verbinding aanzienlijk. De vraag wordt dus steeds meer, willen we de zweeftrein-variant?

Als Partij voor het Noorden hebben wij die vraag tot nu toe voorwaardelijk positief beantwoord (afgezien van de hiervoor genoemde, regionale financiering). Wij zeggen dan: als de zweeftrein onderdeel zou gaan uitmaken van een nieuwe internationale verbinding Randstad-Groningen-Bremen-Hamburg en verder, dan zijn wij wel degelijk geïnteresseerd. Speelt dat internationale karakter niet, dan zouden we ook met een minder snelle variant van de Zuiderzeelijn genoegen kunnen nemen. 


(5 mei 2004)

 


Spoorlijnen Groningen en Friesland gezamenlijk aanbesteed 
door provincie Groningen / redactie

Onderstaand persbericht drukken we hier af n.a.v. ons artikel 'Met de trein in Noord-Nederland' in nieuwsbrief 20 [red.]

Uniek in Nederland: twee provincies gaan samen het railvervoer aanbesteden. Dat betekent dat behalve NS en NoordNed ook buitenlandse vervoerbedrijven een bod kunnen doen op de exploitatie van de treinverbindingen in beide provincies, zo verklaarde gedeputeerde T, Musschenga (CDA).

De provincies Fryslân en Groningen zullen samen het railvervoer openbaar gaan aanbesteden. Deze aanbesteding is mogelijk gemaakt omdat het Ministerie van Verkeer en Waterstaat vorige week toegezegd heeft hiervoor extra gelden beschikbaar te willen stellen. 

Via deze extra gelden kunnen de volgende spoorverbindingen besteksklaar worden gemaakt: Groningen – Nieuweschans, Groningen – Roodeschool, Groningen – Delfzijl, Groningen – Leeuwarden, Leeuwarden – Stavoren, Leeuwarden – Harlingen. De verwachting is dat nog voor de zomervakantie het bestek voor de aanbesteding gereed is; de gunning zal dan in het najaar plaatsvinden. 

Omstreeks medio december 2005 zal, volgens de verwachting, de nieuwe vervoerder gaan rijden. 

(persbericht provincie Groningen)


(5 mei 2004)

 


Discussietraining voor Eurokandidaten van de Partij voor het Noorden
Levendige discussie over Europa 

door de redactie

Op zaterdag 24 april werd onder leiding van Dorien Schoffelmeer de derde discussietraining gehouden van het project Scholing. Centraal onderwerp was deze keer deelname van de Partij voor het Noorden aan de Europese verkiezingen.

Met veertien deelnemers èn aangemoedigd door twee bestuursleden begon de bijeenkomst met een terugblik op het vorige thema: aardgas. Teun Jan Zanen verwoordde onze visie op het exploiteren van het Waddengas. Na de verklaring van Teun Jan werden de deelnemers in twee groepen opgesplitst. Aan de hand van het programma voor de Europese verkiezingen: “Voor een Europa van de regio’s” en een toegestuurd leesdossier, werden zes discussiepunten besproken.

Nadat beide groepen over deze discussiepunten uitputtend hadden gebrainstormd, brachten ze verslag uit aan elkaar. Het bleek niet altijd eenvoudig voor de deelnemers om goed aantekeningen te maken van een groepsdiscussie en vervolgens de mening van de groep te verwoorden. Maar daarvoor was nu juist iedereen gekomen: om dat beter onder de knie te krijgen. De discussies waren geweldig levendig en interessant. 

Aan bod kwamen onder meer de volgende onderwerpen: wat moeten de speerpunten zijn van de Europese verkiezingscampagne? Waarmee onderscheid de Partij voor het Noorden zich van andere partijen? Wat gaat de Partij voor het Noorden in Europa bereiken voor de kiezers? Samen zijn we tot een heleboel aardige argumenten gekomen. 

We lichten er twee uit. Op de vraag waarom we meedoen aan de Europese verkiezingen (“woar is dat nou veur nodig?”), kwamen de volgende argumenten naar voren: we willen opkomen voor de belangen van Noord-Nederland, Den Haag is vaak een nutteloze schakel; we hebben een visie op de ontwikkeling van Europa; voor de kiezers zetten we Europa positief neer. Dit is zeer verfrissend! Ook bieden we de Noorderlingen, die zich nu slecht vertegenwoordigd voelen in Den Haag, een perspectief op een stem recht-streeks in Europa.

Ten tweede de vraag: waarom een Europese regio? Waarom moet Europa een Europa van de regio’s worden? 

Argumenten die genoemd werden: een Europese regio is een gebied met gelijke waarden en kenmerken, gelijke kansen en problemen. Waar de centrale regering vaak tekort schiet, kan een regio wel actief reageren. Europa bestaat nu uit 25 landen en we weten nog niet op dit moment hoe deze kolos bestuurd gaat worden. Voor de gewone burger is Europa een brug te ver. Kleinschaligheid is daarom de enige oplossing voor Europa.

Aldus een kleine greep uit de vele zienswijzen en argumenten die aan bod zijn gekomen. Hier kunnen alle partijleden, die zich in de strijd gaan werpen voor de verkiezingen van 10 juni, uit putten. 

met dank aan Dorien Schoffelmeer en Tjeerd Oliemans voor hun bijdrage


(5 mei 2004)

 


Doorbraak waterberging in Oost-Groningen 
door Hilbert Koetsier

Op 15 april jl. heeft gedeputeerde Bleker van de provincie Groningen de nieuwe planvoorstellen van de provincie en het waterschap Hunze en Aa’s gepresenteerd – in de Klinker in Winschoten en later in Hotel Mercure in Haren, waar ondergetekende bij aanwezig was. Zelf noemen ze het voorstel al “Doorbraak Waterberging” – en inderdaad lijken provincie en waterschap spijkers met koppen te willen slaan.

Henk Bleker deed onder meer de volgende aankondigingen en toezeggingen: Twee aangewezen waterbergingsgebieden in Hunze en Aa’s vallen af, nl. Westerlanden en Vriescheloërvennen; Ulsderpolder, Onnerpolder en Oostpolder worden versneld klaargemaakt voor waterberging (klaar in 2008, in plaats van 2015-2020); Ook vóór 2010 in te richten als waterbergingsgebied: Lappenvoort/ Oosterland/ Glimmen, Westerbroekstermadepolder, Rolkepolder (Kropswolderbuitenpolder), Blauwe Stad en Winschoten-Zuid; Na 2010 in te richten voor waterberging: Zuiderwuppen (Oost-Winschoten), Kuurbos en De Bovenlanden (bij Nieuweschans). 

Bleker garandeert dat tot 2015 geen wijzigingen meer in de plannen zullen komen. Na 2015 zullen nieuwe plannen gemaakt worden voor de periode 2020-2035 – uitgaande van de normen, ideeën en stand der techniek van die tijd. Schadevergoeding zal beter geregeld zijn; er gaat omgekeerde bewijslast gelden (dus het waterschap moet het tegendeel bewijzen bij schade), er komt één loket voor afhandeling van problemen en er komt een ruimere “voorschotregeling” (aanbetaling).

Een agrariër uitte de kritiek dat ondanks de in te richten bergingsgebieden (waardoor agrarische bedrijven wellicht verplaatst willen worden), er geen aanpassing komt van de planologie buiten die gebieden. Ook komt er geen jaarlijkse vergoeding voor ingezetenen van de waterbergingspolders. Boeren hebben ook geklaagd over de groeiende financiële lasten van het waterschap. Bleker wil de boeren meer gaan ontlasten.


(5 mei 2004)

 


Kandidaten aan het woord 
door de redactie

Hieronder komen een paar van onze kandidaten aan woord. 
Wie zijn zij, wat doen zij en hoe zien zij hun rol op de lijst van de Partij voor het Noorden?
Daaronder de volledige lijst.


Jan van der Baan #2
Jan Auke van der Baan (1934) is van jongs af aan in het onderwijs werkzaam geweest. Hij was hoofd van verschillende scholen en werkte onder meer op LOM- en Mytylscholen voor moeilijk lerende kinderen. Van der Baan heeft altijd een brede maatschappelijke betrokkenheid gehad en vele maatschappelijke en bestuurlijke functies vervuld, waaronder in onderwijs- en vakbondsafdelingen. 

Vanaf 1980 is Van der Baan politiek actief bij de Fryske Nasjonale Partij (FNP); eerst als fractievoorzitter in de gemeente Boarnsterhim en van 1995-2003 in de Provinciale Staten van Fryslân. Zijn aandacht richtte zich met name op de economie en de Friese cultuur. Tevens heeft hij zich sterk ingezet voor de gevolgen van gaswinning en is medeoprichter en voorzitter van de Noordelijke Overleggroep Bodemdaling en Bodemtrillingen (Willem Beton). 

Ook was hij mede-initiatiefnemer van de vorming van de Friese studiegroep Foarum, die later op Noord-Nederlandse schaal verder ging als Nieuw FoArum. Deze studiegroepen ontwikkelden een zelfstandige toekomstvisie voor Noord-Nederland, uitgaande van interregionale samenwerking. Als de noordelijke provincies, samen met het aangrenzende Duitse gebied de handen ineen slaan, dan kunnen ze meepraten in Europa, zo vindt Van der Baan: “De takomst is uzes mei-inoar.”

Sanne Terpstra #3
Sanne Terpstra (1975) studeerde af in de literatuurwetenschap aan de Rijksuniversiteit Groningen. Ze is haar jonge carriére begonnen bij Studium Generale Groningen, waar zij programmamaker is en lezingen, symposia en debatten organiseert over maatschappij, wetenschap en cultuur. 

Sanne, groot theaterliefhebber, draagt cultuur in brede zin een bijzonder warm hart toe: “De eigenheid van culturen, zoals die in Noord-Nederland, verdient gerichte politieke aandacht. Een regionaal bestuur kan daar veel beter aandacht aan geven dan een landelijk bestuur.” 

Egbert Kruize #4
Egbert Kruize (1940) is actief voor natuur, milieu en voor een sociale samenleving. Hij zit in een groot aantal stichtingen en platforms. Hij is onder meer voorzitter van het Platform Windenergie Noord-Nederland, voorzitter van Stichting Veenkolonie en Natuur, is redacteur van “De Natuurkijker” van het Instituut voor Natuureducatie, is de stuwende kracht in de werkgroep Kennisoverdracht Milieuvriendelijke Energie in Hongarije, zit in de Stichting Sociale Opvang Minima en werkt met de reclassering. 

Politiek is hij ook gelieerd aan de Onafhankelijke Partij Drenthe (OPD) en Gemeentebelangen Emmen. Prettig wonen in natuur en landschap is zijn motto: “We moeten goed zorgen voor de natuur, in de brede zin van het woord. Als mensen zich goed voelen bij waar ze wonen, dan is dat ook een stukje natuur.”

Robert Schliessler #5
Robert Schliessler (1971) is afgestudeerd aan de kunstacademie in Utrecht en houdt zich als cineast bezig met het schrijven van scripts en regisseren. Hij was onder meer werkzaam voor de educatieve omroep RVU en heeft nu een eigen productiemaatschappij. 

Politiek actief werd hij vooral tijdens zijn studie. Hij zat later onder meer bij de politieke vernieuwingsbeweging LEF (Liberté, Egalité, Fraternité), waar hij zich sterk maakte voor de discussie over de toekomst van Europa. Schliessler is een uitgesproken voorstander van een verenigd Europa dat opgebouwd zou moeten zijn uit regio’s: “De regio is de ideale bouwsteen voor Europa: groot genoeg voor behoud van de eigen cultuur en taal, klein genoeg om te moeten samenwerken. Zo kan de Europese Unie een voorbode zijn voor een ooit te verenigen wereld.”

Harm Schroor #7
Harm Schroor (1935) is zijn leven lang ondernemer in Noord-Nederland geweest en voelt sterk voor een goede economische ontwikkeling van de regio. Zijn werk behelsde de uitvoering en promotie van industriële ontwikkeling, door vestigingsadviezen te geven en industriële gebouwen te bouwen en te verhuren. Ook is hij internationaal transportondernemer geweest, met bedrijfsvestigingen in Denemarken en Frankrijk. 

In 1992 richtte hij in de gemeente Smallingerland een succesvolle gemeentebelangenpartij op, die de 47 jaar zittende coalitie wist te doorbreken: “de zittende partijen luisterden niet meer naar de bevolking en deden maar wat.” 

Maar zijn politieke visie is Europa-breed. Volgens Schroor is een verenigd Europa, zeker met de tien nieuwe landen, goed voor de welvaart van iedereen. Bijvoorbeeld de goederentransportsector, belangrijk voor onze regio, heeft van het wegvallen van grenzen veel voordelen. 

Landen in Europa moeten samen optrekken en niet elkaar uitbuiten: “In het nieuwe Europa kunnen oude concurrenten nu partners worden”. In een verenigd Europa kan gewerkt worden aan het gelijktrekken van loonkosten in alle landen: “Het moet niet kunnen dat fabrieken verplaatst worden naar elders binnen Europa, omdat daar de loonkosten lager zijn,” aldus Schroor. 

Volgens Schroor heeft Noord-Nederland economisch gezien goede kansen in Europa, vanwege de ruimte, de ligging en gas- olievoorraden. Maar dan is het wel een must dat het Noorden vertegenwoordigd wordt in het Europese parlement. Noord-Nederland mag in elk geval geen ‘Center Parcs’ van Europa worden, waar mensen slechts naar toe gaan om te recreëren: “we moeten onze kinderen en kleinkinderen kunnen garanderen dat iedereen onder normale omstandigheden in Noord-Nederland kan wonen en werken”.

Jan Uitham #30
Jan Uitham (1925) is sinds de jaren zeventig schaats- en zweminstructeur en is regelmatig te gast als promotor en jurylid bij sportwedstrijden. Sinds hij bij de barre Elfstedentocht van 1963 tweede werd en dat jaar de Noorder Rondrit (de langste A-klassieker na de Elfstedentocht) won, is Uitham een bekend sportman. Hoewel hij bijna 80 is, schrikt hij ook vandaag de dag niet terug voor het rijden van de alternatieve Elfstedentocht op de Weissensee in Oostenrijk (200 km). Ook staat nog een beklimming van de Alp d’Huez als wielrenner op het programma.

Uitham vindt dat je politiek best voor je eigen regio uit mag komen en heeft vanaf het begin de opkomst van regionale partijen ondersteund. Dat betekent dat je moet nadenken voor je gaat stemmen en niet bij voorbaat moet stemmen op de partij waarop je altijd hebt gestemd: “Stem niet uit sleur, want dat stelt steeds teleur,” is zijn motto.

Jan Uitham (foto: H. Koetsier)

De kandidatenlijst voor de verkiezingen van 10 juni 2004


1. Teun Jan Zanen, Zuidwolde (Gr.)
2. Jan van der Baan, Grou
3. Sanne Terpstra, Groningen
4. Egbert Kruize, Emmer Compascuum
5. Robert Schliessler, Soesterberg
6. Danny Hoekzema-Buist, Groningen
7. Harm Schroor, Drachten
8. Fleur Woudstra, Groningen
9. Kerst Huisman, Leeuwarden
10. Geert Staats, Westerbroek (Gr.)
11. Nico Zweerts de Jong, Veendam 
12. Jan Venekamp, Beilen
13. Harmien van der Werff-Poort, Oosterwijtwerd
14. Dorien Schoffelmeer, Groningen
15. Loek van der Heide, Harlingen
16. Leendert van der Laan, Groningen
17. Sabrina Jessen, Bredstedt (Schleswig-Holstein)
18. Hilbert Koetsier, Groningen
19. Ruud de Goede, Hoogersmilde
20. Luit Gazendam, Groningen
21. Marieke Stokkers, Groningen
22. Ineke Rusch, Groningen
23. Minne Everhardus, Borger
24. Aleid Brouwer, Groningen
25. Henk Hoiting, Zuidwolde (Gr.)
26. Joop Borgman, Wehe den Hoorn
27. Reinder Hoekzema, Groningen
28. Tjeerd Oliemans, Groningen
29. Lieuwe Terpstra, Groningen
30. Jan Uitham, Noorderhogebrug


(5 mei 2004)

 


Verkiezingspeiling
Een voorproefje in Drachten 

door de verkiezingscommissie

Om na te gaan of het voor de Partij voor het Noorden een haalbare zaak is om met succes aan de Europese verkiezingen mee te doen, besloten we de steun voor deelname te gaan onderzoeken door middel van een steekproef. 

Eind maart togen we naar het nog “maagdelijke” Drachten, dat we, met haar centrale ligging in het Noorden, representatief achtten voor Noord-Nederland. Hoe zouden de inwoners van Drachten over ons denken? Daarvan hoopten we een indicatie te krijgen. Daartoe hebben we een schriftelijk enquête ontwikkeld en die toegestuurd aan 100 willekeurig gekozen Drachtsters. 

Van de 100 enquêtes, kregen we er zestien beantwoord terug. Zestien procent respons op een schriftelijke enquête is vrij laag, maar niet ongewoon. Degenen die wel instuurden geven ons gelukkig wel degelijk de indicatie waarop we gehoopt hadden. Op de vraag of ze zouden overwegen om op 10 juni op de Partij voor het Noorden te stemmen (als deze partij zou meedoen) antwoordden 6 personen met ja, 4 personen met weet niet en 6 personen met nee.

Van die zes ja-stemmers willen er vijf ook daadwerkelijk gaan stemmen op 10 juni a.s.. Van deze zes ja-stemmers stemden er bij de vorige Europese verkiezingen (vijf jaar geleden) een viertal: 2 PvdA, 1 CDA en 1 VVD. Twee personen stemden toen niet. Alle zes hebben voorkeur voor een kandidaat uit de eigen regio boven een kandidaat op een landelijke lijst. Van de 10 mogelijke stemmen op de Partij voor het Noorden voelen zeven zich nu niet en twee nu wel goed vertegenwoordigd door de zittende Europarlementariërs. Eén persoon wist het niet.

Al met al duidt deze enquête er op dat zo’n zes procent van de kiezers overweegt op de Partij voor het Noorden te stemmen (als die mee zou doen). Vier procent weet het nog niet, maar neigt er wel toe. 

De Partij voor het Noorden beschouwt de uitkomsten van de enquête in Drachten als een duidelijke blijk van potentie voor een positieve verkiezingsuitslag bij de Europese verkiezingen. Als het lukt om landelijk enige naamsbekendheid te krijgen en het bovendien lukt om ons idee van Noord-Nederland als een redelijk zelfstandige en interessante Europese regio over te brengen, zouden we enthousiasme kunnen genereren. En dat is de basis voor electoraal succes. Zeker in Noord-Nederland.


(5 mei 2004)

 


Toekomst voor de Langman-gelden? 
door Aleid Brouwer

Voor de komende periode (2007-2013) is het nog onzeker of Noord-Nederland wederom geld zal krijgen vanuit de Europese structuurfondsen voor regionale ontwikkeling. Met de nieuwe criteria van de Europese Commissie (zie kader) zal heel Nederland - dus alle provincies! - onder de zogenaamde Doelstelling 2 vallen en geld kunnen ‘claimen’ in Brussel. Maar of dat ook gaat gebeuren is nog afwachten...

In de periode 2000-2006 viel een groot gedeelte van Noord-Nederland onder Doelstelling 2 van de zogenaamde Europese structuurfondsen, zoals beschreven in ‘Kompas voor het Noorden’ en het ‘Langman-akkoord’. Binnen deze fondsen werd regionale ontwikkeling in de Noord-Nederlandse kerngebieden bevorderd; die gebieden zijn in het Langman akkoord door Noord-Nederland zelf benoemd (zie de kaart op de vorige pagina). Het gaat daarbij om het bevorderen van nieuwe bedrijfsvestigingen, de aanleg van nieuwe bedrijventerreinen en het opknappen van bestaande bedrijfs-terreinen buiten de kernzones.

Het probleem is dat de provincies of landsdelen nu niet zelf naar Brussel kunnen, maar dat steungelden aangevraagd moeten worden door Den Haag. De Nederlandse overheid moet naar Brussel om voor de nieuwe periode van regionaal beleid na 2006, te lobbyen voor het beschikbaar komen van gelden uit structuurfondsen. Helaas heeft minister Zalm van Financiële Zaken als doelstelling: ‘de re-nationalisatie van het structuurfond-senbeleid’, dat wil zeggen: minder geld rondpompen binnen de Unie en geen aparte Europese fondsen voor armere regio’s binnen rijke lidstaten. Wanneer Zalm zijn zin krijgt, zou in de toekomst Den Haag zelf geld uit nationale middelen moeten vrijmaken voor regionaal beleid! Aangezien het motto voor het nieuwe, Nederlandse regionaal beleid efficiëntie boven rechtvaardig-heid is, zal dit waarschijnlijk betekenen dat het meeste regionale geld naar de mainports (Schiphol, haven Rotterdam) gaat stromen.

De toekomst van het Noordelijk regionaal beleid is dus afhankelijk van de insteek die de Nederlandse overheid kiest bij de onderhandelingen tussen de Europese commissie en de lidstaten. Gebruikt Den Haag als basis de nota ‘Gebiedsgerichte Economische Perspectieven’, dan zal dat niet gunstig uitpakken voor Noord-Nederland. Deze nota wijst op ‘het Noorden op eigen kracht’, en biedt daarmee weinig kans op toewijzing van middelen aan Noord-Nederland. Het samenwerkingsverband van de Noordelijke provincies (SNN) is nu bezig om de bestuurders in Den Haag te overtuigen dat die insteek niet de juiste is. 

De Partij voor het Noorden heeft in deze een eigen opvatting: met een goed deel van de aardgasbaten in eigen beheer, zou het Noorden zich prima op eigen kracht kunnen ontwikkelen! Zolang dat niet gerealiseerd is, moeten we ons achter SNN scharen en proberen de continuïteit van de structuurfondsen voor Noord-Nederland te waarborgen.

Met dank aan dhr. Sieck Postma van de provincie Fryslân voor zijn heldere uitleg over de veranderingen binnen de doelstellingsgelden van de EU.


Hierboven ziet u een kaart waarop de economische concentratiegebieden in Noord-Nederland worden weergegeven. In deze gebieden mogen én moeten nieuwe economische ontwikkelingen plaatsvinden volgens de doelstelling ‘concentratie en selectie’. In de overige gebieden wordt alleen revitalisering toegestaan. (bron: Kompas voor het Noorden).



De drie C’s van de Europese commissie voor regionale ontwikkeling 2007-2013 in structuurfondsen.

Hoe wordt Europees geld verdeeld?

Cohesie / Doelstelling 1: geld voor regio’s met een Bruto Regionaal Product (BRP) dat minder dan 75% van het Europese gemiddelde BRP is. Hier vallen delen van Spanje, Portugal en Griekenland onder en regio’s in alle nieuwe lidstaten. Dit geld is bedoeld voor het wegwerken van ongelijkheden binnen de Unie en het harmoniseren van de ontwikkeling op het Europese grondgebied.

Concurrentie / Doelstelling 2: geld voor alle gebieden die niet onder Doelstelling 1 vallen. Dat betekent dat heel Nederland daaronder valt en niet meer enkele ‘plukjes land’ binnen de lidstaat (zoals Noord-Nederland). Het doel is minder verschillen aanbrengen binnen de oude lidstaten en meer aandacht krijgen voor de Lissabon - en Göteborg akkoorden (Europa moet een kenniseconomie krijgen en duurzaamheid wordt erg belangrijk), met aandacht voor het concurrerend vermogen en werkgelegenheid van de regio’s.

Co-operatie: Uitbreiding van de zogenaamde INTERREG fondsen (interregionale samenwerking). De focus ligt nu op grensoverschrijdende interregionale samenwerking tussen oude en nieuwe lidstaten.


(5 mei 2004)

 


Wie doen er mee met de Europese verkiezingen van 10 juni? 
door Hilbert Koetsier

In totaal heeft de Kiesraad in Den Haag 15 kandidatenlijsten voor de Europese verkiezingen goedgekeurd. Dat ging niet helemaal zonder vlekjes: de Partij voor de Dieren verloor haar lijstduwer Maarten ’t Hart en het minuscule nieuwkomertje Respect.nu heeft ook een kandidaat minder dan gepland. 

Samen met de CDA en de VVD heeft de Partij voor het Noorden de langste lijst, namelijk met het maximaal mogelijk aantal kandidaten (30).

Opvallend op de verschillende lijsten id de ondervertegenwoordiging van mensen die in Noord-Nederland wonen. Zonder de Partij voor het Noorden zijn er 246 kandidaten, waarvan 11 in Drenthe, Friesland of Groningen wonen, dus 4,5%! Mét de Partij voor het Noorden zijn er 276 kandidaten, waarvan dan 40 Noorderlingen, dus 14,5%! Aangezien ongeveer 10% van de Nederlandse bevolking in Noord-Nederland woont, betekent onze deelname het wegwerken van die ondervertegenwoordiging.

Afgaande op de huidige zetelverdeling is het te verwachten dat het CDA met Albert Jan Maat uit Paterswolde en de VVD met Jan Mulder uit Meppel, beide een noorderling aan het Europarlement zullen leveren. Met twee van de 27 Nederlandse zetels, zou het Noorden opnieuw onderbedeeld zijn. Er moet dus nog een noorderling bij, en de enige partij die deze kan leveren, is de Partij voor het Noorden!

Lijst Partij	Kandidaten  Noordelijke vertegenw.
1. CDA - 30 4; 1 verkiesbaar
Europese Volkspartij
2. P.v.d.A./ 18 0
Europese Sociaaldemocraten
3. VVD – 30 2; 1 verkiesbaar
Europese Liberaal-Democraten
4. GROENLINKS 17 0
5. ChristenUnie/SGP 20 0
6. Democraten 66 (D66) 14 1; 0 verkiesbaar
7. SP 29 3; 0 verkiesbaar
8. Democratisch Europa 8 0
9. LEEFBAAR EUROPA 7 0
10. Partij v/h Noorden 30 29; (1 verkiesbaar?)
11. Nieuw Rechts 25 1
12. Europa Transparant 20 0
13. Lijst Pim Fortuyn 7 0
14. Partij v/d Dieren 19 0
15. Respect.Nu 2 0




(5 mei 2004)

 


Partij voor het Noorden in de media 
door de redactie

De Europese verkiezingen leveren de Partij voor het Noorden veel publiciteit op. Hieronder een overzicht van de aandacht op radio en televisie en de grotere krantenartikelen, vanaf april.

29 april KRO radio 1
1 op de middag, interview en quiz met Teun Jan Zanen en Hedy d’Ancona

29 april Dagblad vh Noorden
Interview van Piter Bergstra met Teun Jan Zanen

4 mei SBS6
Hart van Nederland, Teun Jan Zanen over de ideeën van de Partij voor het Noorden

4 mei Telegraaf
Artikel over de ideeën van de Partij voor het Noorden

5 mei Omrop Fryslân
Omrop Fryslân Actueel, interview Teun Jan Zanen over partijdigheid stemwijzer

5 mei Radio Drenthe
Drenthe Actueel, interview Teun Jan Zanen over partijdigheid stemwijzer

6 mei Radio Noord
Noord Nieuws over partijdigheid stemwijzer

6 mei OOG-radio en TV
Interview Teun Jan Zanen over partijdigheid stemwijzer



(5 mei 2004)

 


Haarm Diek: Koamerbewoonders 
door Haarm Diek

Europoa! Wat n gedounte met al dij verschaaiden landen! d'Aine wil dit en d'ander wil dat. Willen ze aigelksoamen wel wat?

In ainen mos k weeromme denken an vrouger doagen. Dou laaidde k voak in n internoat meerdoagse soamenkom-sten veur koamerbewoonders oet t haile laand. Dat was mooi waark, benoam ook, om dat de dailnemers an dizze kursussen wazzen maist zukse weerdevolle lu. As pluspunde nuim k hier, dat ze zug deur heur op heur-allaintje-leven n aigenmenaar van omgoan met heur waarkelk-haid tousteld haren. Dat maarkte je benoam in t begun van zo'n kursus. Den bleek votdoadelk oet, dat elk van heur n aigen ainziedeghaid, zunder tougeven an ainziedegheden van andre dailnemers, beliggoamen dee.. t Wazzen gain mensen van elf in t dozien, t wazzen aine veur aine karakters! En doar mog k geern over.

Vanzölf gaven zukse aigenheden ook spannens. Wat d'aine wol, ston d'ander tegen. Doar d'aine tou wend was, von d'ander abnormoal. Bepaarkens en kritiek van n omgeven, doar wazzen ze in heur aigelke leefsiteoatsie nait tou wend.

Opmaarkelk was, dat zuks gaauw veranderde. Apaarthaid ken ook ainzoamhaid inholden. Onder de bedrieven van kursus werden dailnemers gewoar, dat n ander ook met reden op zien of heur aigen menaar bestaait, dat der weerden bennen, dij men in t isolement zo nait ontdekt het, ook, dat ales, wat in aigen bestoan gruid is, nog gain blui betaiken dut..

k Zol nog hail wat meer over dij soamenkomsten vertellen kennen. Moar wie keren noar ons Europoa weeromme. Alsmoar meer stoaten goan dailnemen. Zoale word t vol! Der bennen stoaten bie, dij al n tiedje met mekander verkeren en dij nait meer hailemoal of hailemoal nait meer met apaarde koamerbewoonders vergleken worden kennen. Met ale veur- en noadailen dervan. Der komen derbie, dij zug nog nait makkelk in t gezelschop van andre stoaten bewegen kennen en as ailanden apaart in d'oseoan van Europoa te verkeren komen. Wat n belangen! Wat n balsturege tegenstrie-degheden! Wat n weerdevolle aigen-heden! Wat n aarme ainziedegheden! Wat n veuroordailen over andre stoaten ook.

As veurstander van n groder Europoa moak k mie niks wies. De riekdom van n weerdevolle ainhaid hebben we moar nait zo, van vandoage op mörgen. Der mout nog hail wat woater deur onze rivieren stromen, eer t zo wied is, dat wie n 'ainhaid in verschaaidenhaid' beleven, zo as bevubbeld n jonge stoat as Indonesioa offisjail wezen wil. Moar t pad dernoartou mouten we opgoan, hou laank t ook begoan worden mout om t ideoal te verwezelken.

k Heb aal mien bedenkens, dij aigelk ook veur-woarden bennen. Daartou heurt d'overtugen, dat zukse gruiende ainhaid nait t ofzain van weerden betaikent. Wie beleven n tied, doar weerden van vrouger op t heden van onweerde blieken en doar nije weerden opkomen. Niks optegen. As der moar weerden bennen, dij zo aigen worden, dat wie as stoaten en as dailen van stoaten der met léven kennen. t Gaait ja nait bloots om apaart of noast mekander bestoan moar om soamen bestoan!

As bieprodukt van dij kusussen is t asmis gebeurd – naitbotvoak -, dat lu mekoar zo van weerde achten gongen, dat ze wieder met mekander deur t leven gongen. Dat vuil den - benoam om dat ze haren as koamerbewoonders heur aigenheden doaneg ontwikkeld - bepoald nait aaltied tou. k Heb dij kursisten nait aaltied volgen kend en wild, moar k heb t alerdeegs n poar keer metbeleven mocht, dat aine plus aine drije in weerde werren.

t Grodere Europoa staait nog moar an t begun. Moar de roemte, doar plak veur onze weerden en doar tougelieks t kruzen van weerden, ask t zo nuimen mag, tot nije kostbre belevens brengt, dát grodere Europoa is t goan van n laank en stoer pad noar mien inschatten en aigen gevuilen hailemoal weerd!

Haarm Diek


(5 mei 2004)

 

Partij voor het Noorden

Secretariaat:
Vossenkamp 124
9675 CM Winschoten
T: 0597 880054
postgiro: 9477607
kvk:02078982
© 2003-2011 Partij voor het Noorden

Perscontacten
Leendert van der Laan
06-40185410


 
 
 
Copyright © 2012 Partij voor het Noorden || tel: 050-3604442, www.partijvoorhetnoorden.nl
Realisatie: WDx2