Noordelijk Landsdeel

Statuut voor het Landsdeel Noord-Nederland

De Partij voor het Noorden is een onafhankelijke politieke partij. Zij zet zich in voor de vorming van een landsdeel Noord-Nederland met een eigen bestuur. De Partij voor het Noorden streeft in dat verband in het bijzonder naar een democratisch gekozen, Noordelijk Parlement. Bestuur en Parlement zien er naar de mening van de Partij voor het Noorden als volgt uit:

 

1. Landsdeel Noord - Nederland

  1. Het landsdeel Noord Nederland is het onmiddellijk onder het staatsniveau gesitueerd publiekrechtelijk deelgebied met politiekzelfbestuur dat tenminste de huidige provincies Drenthe, Friesland en Groningen omvat.
  2. Het landsdeel wordt erkend in de nationale grondwet of wetgeving, die haar zelfbestuur, identiteit, bevoegdheden, organisatiestructuur en haar eigen financiële middelen waarborgt.
  3. Het landsdeel beschikt over een eigen autonomiestatuut of andere wet, die deel uitmaakt van de hoogste rechtsorde van de Staat en die ten minste haar organisatie en bevoegdheden vastlegt. Het statuut van het landsdeel kan niet zonder haar medewerking worden gewijzigd.
  4. Het landsdeel vormt de uitdrukking van een eigen politieke democratische identiteit. Het landsdeel heeft een eigen administratie, met eigen bestuurscentrum en financiële middelen en met eigen symbolen.

 

2.  De instellingen van het landsdeel

  1. Het landsdeel bezit volledige rechtspersoonlijkheid
  2. De basisstructuur van het landsdeel bestaat uit een vertegenwoordigende vergadering en een uitvoerend orgaan. Enkel het landsdeel beslist over haar organisatiestructuur.
  3. De leden van de vertegenwoordigende vergadering worden rechtstreeks gekozen bij vrije en geheime verkiezingen op basis van gelijk en algemeen kiesrecht. De vergadering kan wetgevende bevoegdheden uitoefenen binnen de door de nationale rechtsorde vastgelegde kaders.
  4. Het uitvoerende orgaan is politiek verantwoording verschuldigd tegenover de vertegenwoordigende vergadering.
  5. De leden van de vertegenwoordigende vergadering en van het uitvoerend orgaan kunnen niet onderworpen worden aan toezicht van de centrale overheid, dat afbreuk kunnen doen aan de vrije uitoefening van hun functies.

 

3.  Bevoegdheden van het landsdeel

  1. De bevoegdheidsverdeling tussen de Staat en het landsdeel wordt vastgelegd door de nationale grondwet of wetgeving in overeenstemming met de beginselen van politieke decentralisatie en subsidiariteit.

    Vooralsnog wordt autonomie nagestreefd op de navolgende beleidsterreinen;

      • Cultuur/sport/toerisme
      • Media
      • Economie/ruimtelijke ordening
      • Eigen belastingmiddelen
      • Energie
      • Infrastructuur
      • Natuur en milieu
      • Onderwijs
      • Zorg
             
  2. De uitvoering van nationale wetgeving, voor zover het landsdeel aangaande, is in beginsel een bevoegdheid van het landsdeel zelf.
  3. Het landsdeel is de bevoegde instantie ten aanzien van het vaststellen van wetgeving die voortvloeit uit dit statuut.
  4. Ter vermijding van parallelle structuren zal de Staat, indien hij beschikt over een gedecentraliseerde administratie op landsdelig niveau, de overeenstemmende personeelsleden en middelen, overdragen aan de instellingen van het landsdeel.
  5. Het landsdeel oefent haar bevoegdheden individueel uit. Indien nodig, komen de landsdelen binnen eenzelfde Staat overeen om hun optreden in het kader van hun eigen bevoegdheden al dan niet tijdelijk te harmoniseren. Zij beslissen over de daartoe vereiste procedures.
  6. Beslissingen en maatregelen van de Staat, die landsdelige bevoegdheden of belangen raken, in het bijzonder maatregelen, die een weerslag hebben op de financiële situatie van het landsdeel of hun lokale overheden en beslissingen, die de eventuele wetgevende bevoegdheid van het landsdeel wijzigen, kunnen niet aangenomen worden dan na instemming van het betrokken landsdeel.

 

4.  Financiering van het landsdeel

  1. Het landsdeel heeft financiële autonomie en beschikt over toereikende middelen om haar bevoegdheden ten volle uit te kunnen oefenen.
  2. De grondbeginselen van de overheidsfinanciën en de inkomstenverdeling als ook de richtsnoeren van de Staat inzake het budgetbeheer van het landsdeel worden geregeld door de grondwet of de wet. Het landsdeel werkt in beslissende mate mee aan de ontwikkeling van de financiële wetgeving van de Staat ten aanzien van het landsdeel.
  3. De financiële middelen van het landsdeel bestaan zowel uit eigen belastingen als uit door de Staat overgedragen belastingen en voorts uit een deel van de opbrengsten van binnen het landsdeel aangetroffen bodemschatten.
  4. Voor de uitoefening van haar taken heeft het landsdeel recht op een passend gedeelte van  de nationale belastinginkomsten, opdat een adequaat landsdelig begrotingsbeleid en een op duurzame ontwikkeling gericht economisch beleid mogelijk is.
  5. Het landsdeel heeft overeenkomstig de nationale wetgeving het recht om eigen belastingen te heffen en de heffingsgrondslag te bepalen. Zij legt hiertoe de criteria voor het heffen van landsdelige belastingen, accijnzen en rechten vast. Voor zover de nationale wetgeving daarin voorziet kan zij beslissen opcenten op nationale belastingen te heffen.
  6. Het landsdeel kan binnen de kaders van de nationale wetgeving leningen aangaan ter financiering van haar investeringen. De leningslimieten en de controle hierop zijn bij Staatswet vastgelegd.
  7. Het solidariteitsbeginsel veronderstelt een stelsel van financiële verrekening, waarvan de doelstellingen en de procedures worden neergelegd in de nationale wetgeving. Daarbij wordt op basis van objectieve criteria rekening gehouden met de ongelijke financiële lasten, die elk landsdeel draagt. De financiële verrekening mag het landsdeel niet in de weg staan passend gebruik te maken van zijn fiscaleopbrengsten. Bij de berekening van de financiële verrekening dient ook rekening te worden gehouden met de noden van de gemeentelijke overheden. De financiële verrekening gebeurt door middel van overdrachten van de Staat naar het landsdeel.
  8. Het solidariteitsbeginsel dient ook uitdrukking te vinden binnen de Europese Unie ter vermindering van de ongelijkheden tussen landsdelen en ter verwezenlijking van de doelstelling van sociaal-economische samenhang in Europa. De structuurfondsen van de Europese Unie vormen een instrument ter overwezenlijking van deze doelstelling.

 

5  Deelname aan de instellingen van de centrale Staat

  1. Het landsdeel neemt op passende wijze deel aan de wetgevende instellingen van de Staat voor zover het gaat om zaken met betrekking tot het landsdeel.
  2. Binnen zijn eigen bevoegdheidssfeer voorziet de Staat in mechanismen van coördinatie en deelname van de instellingen van het landsdeel aan de besluitvorming door de Staat, wanneer diens beslissingen de bevoegdheden van het landsdeel raken.
  3. Het landsdeel neemt deel aan de benoeming van gerechtelijke organen, die de bevoegdheidsgeschillen tussen de Staat en het landsdeel oplost. Dergelijke geschillen worden op gerechtelijke of scheidsrechtelijke wijze beslecht.

 

6  De Staat en het landsdeel

  1. De betrekkingen tussen de Staat en het landsdeel worden beheerst door de beginselen van wederzijdse loyaliteit, samenwerking en solidariteit. Het landsdeel en de Staat bevorderen de wederzijdse samenwerking en onthouden zich van maatregelen, die afbreuk doen aan de uitoefening van de bevoegdheden van de andere bestuurslaag of die deze kunnen beperken.
  2. Voor zover daarin wordt voorzien, wordt het toezicht van de Staat op het landsdeel geregeld door de grondwet of, bij gebreke daarvan, door passende wetgeving.
  3. Het landsdeel kan verdragen of overeenkomsten sluiten met andere landsdelen van dezelfde Staat en/of andere (Europese) Staten.

 

7   Het landsdeel en de lokale overheden

  1. Bij de uitoefening van hun bevoegdheden werken het landsdeel en de lokale overheden in een geest van wederzijds vertrouwen en overeenkomstig het subsidiariteitsbeginsel samen. Het landsdeel en de lokale overheden nemen alle passende maatregelen ter bevordering van hun wederzijdse samenwerking, rekening houdend met het toezicht, dat in voorkomende gevallen over de lokale overheden uitoefent, waarbij zij rekening dient te houden met de identiteit en cultuur van de verschillende deelgebieden binnen het landsdeel.
  2. De lokale overheden worden geraadpleegd over alle landsdelige maatregelen, die voor eerst genoemden van aanwijsbaar belang zijn.
  3. Het bestuur van het landsdeel houdt het financiële toezicht op de onder haar ressorterende lokale overheden.

 

8   Het landsdeel en de internationale betrekkingen

8.1  Algemeen

  1. Het landsdeel heeft het recht op internationaal vlak op te treden. Zij kan internationale verdragen, overeenkomsten of protocollen sluiten betreffende zaken die het landsdeel aangaan. Het landsdeel kan zowel bilaterale als multilaterale contacten onderhouden ten behoeve van de verwezenlijking van gemeenschappelijke projecten, die binnen haar jurisdictie liggen.
  2. Het landsdeel heeft het recht om zowel individueel of samen met andere landsdelen eigen vertegenwoordigingen op te richten in derde landen en bij internationale organisaties voor zover het gaat om de behartiging van specifieke landsdelige belangen.
  3. Onverminderd  8.1  neemt het landsdeel overeenkomstig de desbetreffende nationale wetgeving deel aan het internationale optreden van de Staat, wanneer haar eigen bevoegdheden of belangen in het geding zijn.
  4. Vooraleer een internationaal verdrag te sluiten, dat hun essentiële belangen raakt, dient de Staat het landsdeel te raadplegen. Ingeval de Staat een internationaal verdrag wenst te sluiten, dat de belangen van het landsdeel raakt, dient het landsdeel deel te nemen aan de opstelling en sluiting van het verdrag. De wijze van deelname wordt nader geregeld door de tussen de Staat en het landsdeel van kracht zijnde interne procedures. De uitvoering van een verdrag gebeurt overeenkomstig de bevoegdheidsverdeling tussen de Staat en het landsdeel.

 

8.2  Het landsdeel en grensoverschrijdende samenwerking

  1. Het landsdeel bevordert de grensoverschrijdende samenwerking in overeenstemming met hun respectievelijke nationale wetgevingen en het internationale recht.
  2. Het landsdeel kan, rekening houdend met de interne wetgeving en internationale overeenkomsten tussen Staten, grensoverschrijdende overeenkomsten sluiten ter ontwikkeling van de grensoverschrijdende samenwerking op het gebied van aangelegenheden, die tot haar bevoegdheid behoren.
  3. Het landsdeel heeft het recht om, binnen het juridische kader van de Staat, gemeenschappelijke beraadslagende of uitvoerende organen op te richten.
  4. De rechtshandelingen van deze organen zijn op identieke wijze als de rechtshandelingen van instellingen van het landsdeel onderworpen aan de procedures van de bevoegde rechtbanken.

 

8.3  Het landsdeel en de Europese Unie

  1. De Europese Unie dient de actieve deelname van de landsdelen van haar lidstaten en van de landsdelige samenwerkingsverbanden aan haar beleid te bevorderen. Zij beschikt over een landsdelig samengesteld orgaan, dat deelneemt aan de besluitvorming betreffende aangelegenheden met een landsdelige dimensie. De leden van dit orgaan (het comité van de regio’s) dienen in eigen land te worden gekozen. In Nederland kan dit bijvoorbeeld tegelijkertijd met de leden van de Tweede Kamer.
  2. De landsdelen kunnen een vertegenwoordiging bij de instellingen van de Europese Unie instellen. Dergelijke vertegenwoordigingen kunnen gemeenschappelijk door meerdere landsdelen worden opgericht. Het eigen statuut van deze vertegenwoordigingen wordt erkend door de Europese Unie en de lidstaten, waar zij gevestigd zijn.
  3. De landsdelen nemen, binnen hun bevoegdheidssfeer of wanneer hun belangen geraakt worden, deel aan de standpuntbepaling van hun Staten in de communautaire instellingen.
  4. Ingeval de Staat de exclusieve bevoegdheid of de belangen van het landsdeel doorkruist uit hoofde van hogere wetgeving zal de Staat dit tegenover het landsdeel adequaat moeten motiveren. Hierbij heeft het landsdeel het recht in beroep te gaan tegen de beslissing van de staat bij het Europees Hof.
  5. De landsdelen voeren binnen hun bevoegdheidssfeer algemene Europese richtlijnen en wetten uit. Het toezicht op de uitvoering van gemeenschapswetgeving door de landsdelen berust bij het landsdelige parlement.
  6. De landsdelen beheren de binnen hun bevoegdheidssfeer vallende steun van de communautaire fondsen en hebben hierover rechtstreeks, zonder tussenkomst van de Staat, contact met de Europese Commissie.
  7. Het landsdeel  kan overeenkomsten sluiten voor een betere uitvoering van het communautaire beleid in haar gebied.
  8. De landsdelen hebben rechtstoegang tot het Hof van Justitie van de EU met betrekking tot maatregelen van de gemeenschapsinstellingen, die hun bevoegdheden of belangen raken.
  9. Als landsdeel Noord-Nederland streven wij naar Europese kieslijsten voor de verkiezing van het Europees Parlement.
  10. Het landsdeel Noord-Nederland heeft de mogelijkheid  een afvaardiging te kiezen in het Comité van de Regio’s.