Gepubliceerd op:

Nieuwsbrief 53Groningen, 4 juli 2007 Stads- en regiotram GroningenAlternatief Plan Partij voor het Noorden bespaart 100 miljoenDe politieke fractie van de Partij voor het Noorden in de provincie Groningen heeft de Groningse politiek een alternatief plan gepresenteerd voor de stads- en regiotram in en rond de stad Groningen. Een duur projectbureau becijferde de kosten van de stadstram op 150 miljoe...

Nieuwsbrief 53

Groningen, 4 juli 2007

Stads- en regiotram Groningen
Alternatief Plan Partij voor het Noorden bespaart 100 miljoen

De politieke fractie van de Partij voor het Noorden in de provincie Groningen heeft de Groningse politiek een alternatief plan gepresenteerd voor de stads- en regiotram in en rond de stad Groningen. Een duur projectbureau becijferde de kosten van de stadstram op 150 miljoen Euro, maar de Partij voor het Noorden kwam met een elegant alternatief: laat de tram over het spoor van het hoofdstation naar Noorderstation rijden en maak vanaf daar een aftakking naar het universiteitsterrein Zernike. Dat scheelt meer dan 100 miljoen euro in de kosten. Verderop doen Jan Oosterhaven en Gerard Offerman (Partij voor het Noorden Groningen), alsmede Jan Lammerts en Willy Salomon (Partij voor het Noorden Drenthe) de plannen uit de doeken.

Foto: Groningen had al heel lang geleden een tram, zoals deze foto op de Nieuwe Ebbingestraat uit 1910 laat zien (foto P.B. Kramer, Groninger Archieven)

Redactie:
Dana Kamphorst, Teun Jan Zanen, Hilbert Koetsier, Tjeerd Oliemans.

Foto's:
Tjeerd Oliemans





 


Het Noordelijke Parlement†
door Teun Jan Zanen

De Partij voor het Noorden streeft naar de totstandkoming van een direct gekozen Noordelijk parlement. Dat parlement moet de bekroning zijn van een veel nauwere aaneensluiting van de drie Noord-Nederlandse provincies.

Momenteel kennen we in Groningen, Friesland en Drenthe de direct gekozen Provinciale Staten, een soort herinnering aan de tijden van de Bourgondische Nederlanden en de gedeeltelijke voortzetting daarvan in de rebellerende Republiek der zeven verenigde Nederlanden. Er was toen sprake van een federaal bestuur. De Staten van alle aangesloten gewesten waren tot op zekere hoogte autonoom en de afgevaardigden daarvan zaten in de Staten Generaal met last en ruggespraak. Zij moesten regelmatig terug naar hun achterban voor een nieuw mandaat. Bijvoorbeeld in Friesland moest men niet alleen terug naar Leeuwarden voor instructie, maar ook nog naar de elf steden en dertig grietenijen in Friesland, om aldaar de mening van de Friese Staten te kunnen vergaren. De besluitvorming liep dan ook ?op z?n elf- en dertigst?.†

In de Republiek was slechts de zeggenschap over het leger en een belangrijk deel van de belastingheffing gecentraliseerd. Sinds de Franse tijd hebben die Provinciale Staten steeds meer aan macht ingeboet, om in 1850, met de totstandkoming van de Provinciewet onder Thorbecke, definitief teruggeworpen te worden tot een vrij onbetekenend middenbestuur (slechts waterstaatszaken, landbouwpolitiek en nadien ruimtelijke ordening behoorden tot hun competentie).†

Waren die noordelijke provincies tot en met de 18e eeuw welvarende delen van Nederland, na de Franse tijd kwam daar meer en meer de klad in. Het zwaartepunt van de economie verschoof langzaam maar zeker naar het Westen. De infrastructuur in die regio?s werd snel uitgebreid, terwijl Noord-Nederland daar traag achteraan sukkelde. De eerste industrialisatie, vanaf 1850, ging Noord-Nederland min of meer voorbij. Alleen in de Stad Groningen en omgeving, relatief veraf gelegen van Holland, kwam een vrij omvangrijke eigen industrialisatie op gang, die overigens na de aansluiting op de nationale infrastructuur vanaf 1900 niet echt doorzette. Al vanaf halverwege de 19e eeuw was er sprake van een relatieve overbevolking, wat leidde tot een permanente export van mensen, vooral richting de grote steden in het Westen. Een proces dat tot op de dag van vandaag voortduurt.

Om het tij te keren en de industrialisatie alsnog van de grond te trekken verenigden de noordelijke provincies zich vrij snel na de Tweede Wereldoorlog tot een gezamenlijk bestuurlijk optrekken op vooral sociaal-economisch terrein (1958 oprichting Bestuurscommissie Noorden des Lands). Met elkaar wisten zij aandacht te krijgen van het rijk voor de relatieve achterstand van het Noorden. Die toen gepraktiseerde lobby heeft tot op heden gewerkt. Ondertussen was er begin jaren negentig in Nederland sprake van een ontwikkeling naar landsdelig bestuur. Het Samenwerkingsverband Noord-Nederland kwam in de plaats van de nog wat vrijblijvende BCN. En ook werkgevers en werknemers organiseerden zich noordelijk in hun lobby naar de provinciebesturen.†

De politieke constructie van dit samenwerkingsverband werd uitgebouwd: er kwamen zelfs gezamenlijke vergaderingen van de drie colleges van Provinciale Staten. Een voorafschaduwing haast van het door de Partij voor het Noorden nagestreefde Noordelijke parlement.

Eind jaren negentig wist het SNN-verband met de rijksoverheid tot een meerjarig ontwikkelingsprogramma te komen (van 2000-2010) met het oog op het wegwerken van het ?fase-verschil? in ontwikkeling tussen Nederland als geheel en Noord-Nederland. Vooral ook door het programma ?Kompas voor het Noorden? te bundelen met Europese gelden voor de regionale ontwikkeling ontstond een vrij succesvol programma. Blijkbaar werd deze ontwikkeling, door de rijksoverheid als bedreigend gezien. Vandaar dat vanaf 2005 het rijk begon af te haken. Jegens de noordelijke provincies kwam weer de traditionele verdeel- en heerstaktiek in zwang. En de noordelijke bestuurders, met name die in Friesland trapten in die val. Het resultaat: een toenemend verdeeld Noord-Nederland, dat tracht nog enkele ?Pieken in de Noord-Nederlandse Delta? te ontdekken die op rijkssteun kunnen rekenen. Het rijk passeert domweg de samenwerkende provincies. Gemeentebesturen en besturen van kennisinstellingen laten zich graag fÍteren door de rijksoverheid in de hoop wat beter bedeeld te worden dan onder de provinciale SNN-paraplu.†

Hoe lang duurt de noordelijke verdwazing? Hebben ze niet in de gaten dat de provincies worden uitgekleed en de aardgasgelden rijkelijk blijven vloeien naar West-Nederland?

Het wordt tijd voor een radicaal andere koers. In het septembernummer gaan we op dit thema door. De Partij voor het Noorden wil een werkbaar alternatief bieden voor dit centralistische uitzuigbeleid.

Teun Jan Zanen



(4 juli 2007)

 


CDA saboteert deelname FNP aan Fries college†
door Kerst Huisman

De lange duur van de collegevorming in Frysl‚n heeft menigeen verbaasd. Ruim twee maanden na de Statenverkiezingen was men er eindelijk uit. Frysl‚n had zijn college, bestaande uit vertegenwoordigers van PvdA, CDA en Christen Unie.†

Dat PvdA en CDA in het college zouden komen was logisch. Beide partijen hebben ook de vorige periode samen in het college gezeten, en bovendien waren zij beide, met elk 12 zetels winnaars van de verkiezingen. Het opmerkelijke zit hem in de deelname van de Christen Unie. Deze partij wist maar drie zetels te veroveren, en had daarbij de SP (4 zetels) en VVD en FNP (elk 5) moeten laten voorgaan. De VVD, die nog wel in het vorige college zat, mocht nu niet meer mee doen. Dat de SP het aantal Statenzetels verdubbelde, kwam louter en alleen door het Marijnissen-effect; het gedrag van de SP?ers in de Friese Staten was de vorige periode niet om over naar huis te schrijven. Dat telde blijkbaar wel mee bij de college-vorming. Deze partij was dus evenmin een serieuze kandidaat.

Anders zat het met de FNP. Voor de verkiezingen leek het dat de PvdA de FNP heel duidelijk zag als een partner in een nieuw college. Toen er na de verkiezingen even sprake was van een college van twee partijen, liet de PvdA duidelijk doorschemeren er een derde partij bij te willen. Gezien de uitlatingen van voor de verkiezingen maakte de FNP een goede kans, die derde partij te zullen worden.

Dat de collegevorming zolang heeft geduurd wijst erop, dat de partners achter de schermen behoorlijk aan elkaar hebben zitten trekken. Men zou kunnen veronderstellen ? een andere mogelijkheid is er niet, aangezien geen van de collegepartijen veel heeft verteld over wat er eigenlijk is voorgevallen ? dat de PvdA nog geruime tijd heeft vastgehouden aan een FNP-gedeputeerde. De beoogde kandidaat, Johannes Kramer, leek alles mee te hebben. Een goed Statenlid en een man ? vanuit zijn beroep als gemeentegriffier - met al aardig wat ervaring in de bestuurlijke sfeer.

Toch moest hij uiteindelijk het veld ruimen. Daarvoor kan maar een partij verantwoordelijk worden gesteld: het CDA. Nu heeft deze partij wel iets laten uitlekken over de motieven om de FNP niet in het college te willen. Dat was ?de relatie van de fractie met het bestuur en omsittend laach.? Met dat laatste worden de mensen rondom de fractie bedoeld. Menigeen heeft zich het hoofd hierover gebroken. Wat dat toch mocht betekenen? Wie het FNP-bestuur kent weet dat daar geen mensen in zitten die het CDA onwelgevallig zouden zijn.

Misschien zijn sommige CDA?ers geschrokken van een vrij bekend FNP-lid dat op de verkiezingsavond in het Provinciehuis op nogal heftige toon van commissaris Ed Nijpels eiste dat hij nu toch ook wel eens in het Fries kon gaan spreken. Maar dat was een puur individuele actie. De man zit niet in het bestuur en evenmin in de fractie. Dus daaraan kan het niet hebben gelegen.




(4 juli 2007)

 


Provinciale Staten van Groningen†
door Statenfractie Groningen

De Partij voor het Noorden diende tijdens de algemene beschouwingen op 27 juni 2007 een motie in, waarin het college van GS werd opgeroepen om zich, samen met de collega?s uit Frysl‚n en Drenthe, te beraden op een nieuw te ontwikkelen strategie om de belangen van de Noord-Nederlandse bevolking beter te behartigen.

Verder werd het college opgeroepen hierover ook een breed maatschappelijk debat te organiseren en de resultaten van dat beraad en dat debat voor te leggen aan enerzijds de Provinciale Staten van Groningen en anderzijds aan een gezamenlijke vergadering van de drie noordelijke colleges van Provinciale Staten.

GS stelde vervolgens, bij monde van Gedeputeerde Bleker, globaal in te stemmen met het in die motie gestelde en daarom de strekking van de motie over te nemen. En daarmee hadden wij ons doel bereikt: de toezegging van het college om zich tezamen met Frysl‚n en Drenthe weer nadrukkelijker als Noord-Nederland te manifesteren.

Teun Jan Zanen - fractievoorzitter
zie voor de hele speech: www.provinciegroningen.nl†




(4 juli 2007)

 


Weg met de waterschappen†
door Henk Hoiting

De Partij voor het Noorden is van mening dat de taken die momenteel aan de waterschappen zijn opgedragen onder de zeggenschap van de provincie moeten komen te vallen. Zover gaat de nieuwe Waterschapswet nog niet. Wel is de koers gericht op het handhaven of zonodig vormen van grote waterschappen (overeenkomend met stroomgebieden) en met een meer democratische bestuurssetting.

De Partij voor het Noorden verschilt, wat die verdere democratisering betreft, van mening met het college van GS. In het kader van de herziening van de Waterschapswet legt het college namelijk een zestal voorstellen tot wijziging van de reglementen voor. Van die voorstellen heeft ťťn betrekking op de manier waarop de nieuwe waterschapsbesturen gekozen worden. Het college stelt direkte verkiezingen voor op basis van provinciale lijsten. De Partij voor het Noorden ziet meer in verkiezingen volgens een districtenstelsel. Het feit dat mensen volgens zo?n stelsel meestal iemand uit hun omgeving kiezen, verhoogt het democratische gehalte van de waterschappen. Aangezien er de komende jaren enkele programma?s spelen waarin besluitvorming van onderuit gewenst is, zoals het vastleggen van de kaderrichtlijn water, is het ůůk van belang dat mensen een vertegenwoordiger uit hun directe omgeving in het waterschapsbestuur hebben. In het door het college voorgestelde lijstenstelsel is de kans daarop veel kleiner. Waarschijnlijk zijn het de bekende politieke partijen die een lijst met kandidaten indienen. Daardoor is de kans groot dat bepaalde delen van de provincie geen vertegenwoordiger zullen hebben in de waterschapsbesturen. Bovendien zullen die vertegenwoordigers eerder luisteren naar de wensen van hun politieke partij dan naar de kiezers.†

Bij waterschappen spelen geen landelijke politieke thema?s, maar wel lokale en regionale belangen. Die worden het beste behartigd middels het instellen van een districtenstelsel. Daarmee wordt ook de menselijke maat behouden, of verkregen.†

Binnen de Provinciale Staten van Groningen bleken wij alleen te staan in onze visie op de nieuwe, districtsgewijs gekozen waterschapsbesturen.†

Uiteraard speelt de nieuwe reglementering van de waterschappen ook in Drenthe en Frysl‚n een rol. Misschien moeten we in 2008 ook wel als Partij voor het Noorden aan deze waterschapsverkiezingen meedoen. Wie heeft daarover een uitgesproken mening?



(4 juli 2007)

 


Tram in Stad en regio: raden en staten worden vals voorgelicht†
door Jan Oosterhaven, Jan Lambers, Gerard Offerman en Willy Salomons

De Stad Groningen trekt drie miljoen euro uit voor een projectbureau dat het plan voor een tram vanaf het Hoofdstation naar het universiteitscomplex Zernike moet uitwerken. De startnotitie waarin de principe beslissing tot aanleg wordt verdedigd is een ronkend verhaal met enkel aandacht voor de voordelen en een doemscenario voor als het plan niet door gaat. De Partij voor het Noorden heeft haar bedenkingen bij deze notitie en komt met een alternatief plan.

Op basis van de voorstellen in de startnotitie probeert de Stad, die zelf 50 miljoen wil bijdragen, de rest van de 150 miljoen aan aanlegkosten los te peuteren bij andere gemeenten in de regio, bij de provincies Groningen en Drenthe en bij het Rijk. Het centrale argument voor die bijdragen is dat de stadstram in de toekomst eenvoudig kan worden doorgetrokken als regiotram naar Assen, Zuidhorn, Winsum, Delfzijl en Winschoten. Dat roept drie vragen op waarop de startnotitie geen fatsoenlijk antwoord geeft. (1) Welk probleem moet de stadstram eigenlijk oplossen? (2) Hoe reŽel is het perspectief van het doortrekken van de stadstram naar de regio? (3) Kan het niet eenvoudiger en goedkoper?

De eerste vraag betreft de realiteit van het doemscenario. Groningen is een mooie compacte stad, maar dat heeft als gevolg dat de stad vanuit de regio in de toekomst per auto onbereikbaar zal worden, zo betoogt de gemeente, en dat is slecht voor de economie van stad Ťn regio. Dat economisch argument is zwaar overdreven, want als de stad het slecht doet, zoals bij het bouwen van woningen, dan neemt bijv. Assen dat makkelijk over. Hetzelfde geldt voor winkels en andere voorzieningen. De niet ideale autobereikbaarheid van de Groninger binnenstad is bovendien voor een belangrijk deel een gevolg van bewust beleid van de gemeente zelf: logische doorsteken in het stedelijke wegennet worden niet gemaakt, parkeren in en bij de binnenstad wordt bemoeilijkt en de Zuidtangent wordt afgewezen. Transferia aan de rand van de stad met overstappen op de stadstram bieden hiervoor maar zeer beperkt een alternatief. Ook de provincie Groningen gelooft niet in de tramoplossing van het autoprobleem, want in haar begeleidende brief aan de Staten schrijft zij terecht dat het openbaar vervoer en het autoverkeer ?elkaars probleem niet kunnen oplossen?.

Welk probleem lost een stadstram dan wel op? Ten eerste zal het grote aantal stinkende stadsbussen dat nu door de binnenstad rijdt, fors afnemen. En ten tweede zouden OV-passagiers uit de regio tot in de stad kunnen doorrijden naar een aantal nieuwe stations. Maar dat kan natuurlijk ook met de gewone trein. Er is alleen sprake van winst als de reiziger niet bij ťťn van de treinstations naar de stadstram moet overstappen, maar gewoon met de regiotram over de nieuwe rails van de stadtram kunnen doorrijden. Maar dat wordt als veel te eenvoudig voorgesteld. Het is niet alleen een kwestie van het bijbouwen van lage perrons op alle treinstations in de regio. Het is ook een kwestie van het harmoniseren van beveiligingseisen tussen trein en tram, van het overschakelen van elektrisch op diesel en van medewerking van Prorail. De gemeente zegt vanaf het begin deze interoperabiliteit van tram en trein in het systeem in te willen bouwen, maar in het feitelijke plan voor de stadtram HS-Zernike is vooralsnog voorzien in een eigen eindstation op het busplein bij het hoofdstation en in een eigen remise op het Zernike-complex.

Het lokkende perspectief van een regiotram die over stadsrails doorrijdt is dus niet erg realistisch, terwijl het doemscenario voor het autoverkeer, voor zover realistisch, in ieder geval niet door de stadstram kan worden voorkomen. De derde vraag is daarom waarom niet ook is gekeken naar de veel goedkopere mogelijkheid om de bestaande Prorail-verbinding van het Hoofdstation over het Noorderstation voorbij de ringweg te verlengen met een kort nieuw stuk naar het Zernike-complex? Dat is met zo?n 30-50 miljoen aanlegkosten veel goedkoper, dat spaart de binnenstad van Groningen een hoop ellende en dat levert een stadstram op die wel direct op het regionale spoor rijdt.

Zowel voor de Stad als voor de Regio is het voor het nemen van een goede beslissing dus meer dan noodzakelijk dat het huidige propagandaverhaal, van alleen maar voordelen, wordt vervangen door een evenwichtige analyse van zowel de voordelen als nadelen, waarbij naar meer alternatieven wordt gekeken dan alleen een stadstram die niet doorrijdt op het regionale spoor.





(4 juli 2007)

 


Aafke Steenhuis: Verhalen van het Groninger Ommeland†
door Tjeerd Oliemans

n Grunneger dij is ja aaltied nummer ain!
n Grunneger dij is bie elk en ain gezain!
Wel wat spoarzoam miet zien woorden,†
doarveur komt e oet t noorden,
n Grunneger dij is ja aaltied nummer ain!


Aafke Steenhuis zong voor familie, vrienden, fans en andere genodigden zoals de wethouder van Delfzijl dit refrein van een liedje dat ze ooit van haar moeder leerde en waarin Groningse zelfspot doorklinkt. Zij presenteerde op donderdag 10 mei in galerie Noorderlicht Fotografie aan het Groningse A-Kerkhof haar nieuwste boek, ?Verhalen van het Groninger Ommeland?. Deze beeldend en filmisch geschreven verhalen zijn in de loop der jaren in diverse tijdschriften geplaatst. Waar nodig heeft zij ze bewerkt. Ik stak er veel van op over het Groninger Ommeland en zijn bewoners door de tijden heen. Van de monniken in de middeleeuwse kloosters tot de bewoners van de borgen en de arbeiderswoningen in de straat van Aafke Steenhuis' jeugd.†

Zij is een Groningse in hart en nieren, ook al woont ze al weer dertig jaar in Amsterdam. Daar ontwikkelde ze haar loopbaan als journaliste bij de Groene Amsterdammer na een studie Nederlands aan de RuG. Ze bleef zestien jaar aan dit kwaliteitsweekblad verbonden. Het was hard werken in een stad waarin ze zich na al die jaren pas nu meer thuis voelt. Ze miste altijd erg het vlakke, weidse land van Groningen, de Waddenzee en de plaatsen waar ze haar jeugd doorbracht. Plaatsen als Delfzijl of Zuidhorn, die onderling ook al zo van karakter verschillen.†

In mijn perceptie is Aafke Steenhuis eigenlijk maar weinig veranderd sinds ik haar ? ouderejaars - zo'n 35 jaar geleden zo nu en dan meemaakte op de RuG tijdens gezamenlijke hoorcolleges van een oom van mij die literatuurwetenschap doceerde of bij meetings van de GSb, de Groninger Studentenbond. Veel studenten waren in die tijd maatschappelijk bewogen en politiek actief. Ik wantrouwde overigens toen al de (pseudo)linksheid van velen. Van dat opportunistische volkje, dat later in de PvdA omhoog viel. Maar alles beter dan de ignorante onbenullen van Generatie-House met hun "debieltje"-verslaving. (?Ik sta nu bij de pindakaas!!! Moet ik Calvť meenemen of het huismerk?!!!? ?Ik zit nu in de bus!!! Over vijf minuten ben ik thuis!!!? ?Mij Tarzan, jij Jane!!!?). Vaak volgen ze een of andere modieuze gehaktballen-studie als Bedrijfskunde (?Dutch Management?) of NTI-opleiding tot ?Chief Communications Officer?. (En maar door en langs elkaar heen ouwehoeren zonder te kunnen luisteren. Hail to the Chief!).

Van mijn mede-studenten uit die tijd herinner ik me weinigen, maar Aafke is me bijgebleven. Een levendige, pientere meid met pit. Feministisch, maar niet van het domme soort. Na haar huwelijk hield ze haar eigen naam aan. Authentiek. Integer. Bevlogen. Zo kwam ze op me over. Teun Jan Zanen zat nog met haar in de PSP. Soms kwam ik haar in de pers tegen. Daarnaast kende ik haar sympathie voor Chili. Dit vanwege de coup-met-moord op Allende in Santiago in september 1973 na machinaties van de CIA en die voormalige rokkenjager (macht erotiseert) van het State Department onder Nixon, dr Henry Kissinger (?Are you Kissinger?? ?No, I'm screwing 'er!?). Een machtwisselingstruc, die de CIA vanwege de Amerikaanse (olie)belangen en om geo-politieke redenen al in 1953 in Iran tegen Mohammad Mossadegh uithaalde. (Ik vernam uit doorgaans zeer goed ingelichte bron, dat de oudste broer van de premier, Roel Balkenende, directeur is van een Texaans oliepijpleidingenbedrijf en als dat waar is, begrijp ik beter de slaafse handelwijze van Jan Peter Balkenende jegens Bush en de Nederlandse aanwezigheid in Irak en nu in Afghanistan ? waar de USA al heel lang een pijplijn wil leggen).

Op 6 juni hoorde ik Aafke Steenhuis opnieuw in het mooie culturele radioprogramma Kunststof, waar ze werd geÔnterviewd.

Het ontroerde me haar een half mensenleven later weer te zien en te horen en haar bundel te lezen. Tijd, ruimte, taal, verandering ? dat zijn de belangrijke universele elementen in deze verhalen bij de nostalgische zoektocht naar de wortels van haar identiteit als Groningse. Aafke Steenhuis schrijft boeiend - ook tekent en schildert zij - en deze bundel maakt mij nieuwsgierig naar haar andere boeken, zoals o.a. ?Stemmen van Groninger dijken? en ?Windjammers in Delfzijl. De route van de chilisalpeter?.†


(4 juli 2007)

 


Mogelijke Fusie tussen PCM en NDC onwenselijk†
door Leendert van der Laan

De Partij voor het Noorden vindt de mogelijke fusie tussen het Noordelijke uitgeversconcern, de Noordelijke Dagblad Combinatie (NDC) en de landelijke uitgever PCM voor het Noorden niet wenselijk. NDC o.a. uitgever van de Leeuwarder Courant en Dagblad van het Noorden is een gezond Noordelijk bedrijf dat veel werkgelegenheid schept en al jaren lang mooie winstcijfers laat zien. Daarnaast is de NDC met zijn kranten grotendeels op typische Noordelijke onderwerpen gericht. PCM uitgever van o.a.de Volkskrant, Trouw en het AD daarentegen kampt al enige jaren met interne reorganisaties en forse verliezen alsmede dalende krantenoplages.†

De Partij voor het Noorden is bang dat na een mogelijke fusie directies en kapitaal uit het Noorden verdwijnen en zich in Amsterdam gaan vestigen. Daarnaast zullen er wellicht reorganisaties volgen die slecht kunnen uitpakken voor de Noordelijke werkgelegenheid.

Liever zag Partij voor het Noorden een zelfstandige uitbreiding van de NDC door middel van acquisities en overnames.†

Ervaring leert dat wanneer hoofdkantoren uit het Noorden verdwijnen er tevens veel werkgelegenheid op termijn verdwijnt. De Partij voor het Noorden vraagt dan ook om een zorgvuldige afweging van Noordelijke belangen in het fusieconvenant, met aandacht voor werkgelegenheid garanties voor personeel; onafhankelijke Noordelijke redactie en pers; en het financiŽle vermogen van de NDC moet in het Noorden blijven.

Voetnoot: op 3 juli werd bekend dat de fusie niet doorgaat.



(4 juli 2007)

 


Kolengestookte energiecentrales†
door Teun Jan Zanen

We leven sinds paars in een neo-liberale wereld. De markt regeert. Privatisering is in volle gang. Uitverkoop van de Nederlandse industrie en de energieopwekking is aan de orde van de dag. En dan is er nog CO2.

De voordeur van het provinciehuis werd gebarricadeerd met gevulde zandzakken uit net wad, als protest tegen de in bespreking zijnde plannen om twee kolencentrales te bouwen in de Eemshaven. En het is natuurlijk ook van de gekke dat op het moment dat iedereen de mond vol heeft van CO2-reductie er in de Eemshaven twee deels op kolen draaiende elektriciteits-centrales zouden worden gebouwd, met de bijbehorende uitstoot van o.a. CO2, de komende dertig jaar.†

De Statenfractie van de Partij voor het Noorden zit zeer in zijn maag met deze kwestie. Wat is er aan de hand? Een tweetal bedrijven heeft laten weten een elektriciteitscentrale te willen vestigen in de Eemshaven: NUON, die het heeft over een multifuel-centrale (met als brandstof deels aardgas, deels biomassa en deels vergaste kolen). En werk voor zo?n 500 man. Het tweede project, van het Duitse bedrijf NWE heeft het over een kolengestookte centrale. Het eerste plan is al heel ver. Zij hebben grond gekocht van Groningen Seaports en zijn in onderhandeling met de provincie over de (milieu)voorwaarden waarbinnen zij zullen moeten gaan produceren (de huidige ?best technical means? kunnen hen worden opgelegd en daaraan willen zij ook graag voldoen). Verder zijn ook zij gevoelig voor de CO2-problematiek. Vandaar dat zij van harte mee een convenant hebben ondertekend (samen met de provincie en het ministerie van VROM), een intentieverklaring om zo mogelijk alle uit te stoten CO2 op te vangen en op te slaan in oude gasvelden of niet meer gebruikte zoutcavernes. Als het Havenschap geen grond aan NUON had willen verkopen, waren zij zich elders gaan oriŽnteren, bijvoorbeeld in Emden, Wilhemshaven of Cuxhaven. Dat zou het bedrijf Havenschap een dikke klant doen verliezen, terwijl de problematiek vlak over de grens natuurlijk niet anders is. Ook de provincie Groningen kan niet zomaar vergaande eisen stellen in de vergunningsvoorwaarden, op straffe van een zeker te verliezen rechtszaak. En voor NWE geldt hetzelfde.

Ons programma keert zich min of meer tegen kolencentrales, al is er enige ruimte in de formuleringen om zulk soort projecten onder voorwaarden wel toe te staan. Naar mijn idee gaat het nu om nationale politiek. De staat zou de elektriciteitsproductie weer in eigen hand moeten nemen, in plaats van het nog verder afstoten van de aandelen van de huidige structuur NV?s. En dan zou gekozen kunnen worden voor duurzame energieopwekking, met het inzetten van alle middelen (technisch en financieel). Dus het is ook aan de Partij voor het Noorden om deze eis tot hernationalisatie te stellen, ten eerste in Noord-Nederland, maar wellicht ook in Nederland als geheel. Ik hoop dat er voldoende partijgenoten zijn die de handschoen willen oppakken. Met een strijdbaar, publiek optreden van de Partij voor het Noorden. Dan kan de fractie in de Staten van Groningen zich permitteren om nee te zeggen tegen een uit economisch en werkgelegenheidsoogpunt zeer interessant project.†

Kolencentrale: ledenreacties†

?Het bouwen van kolencentrales in de Eemsmond of elders is een onzalig idee. Een kolencentrale stoot net zo veel CO2 uit als 2 miljoen auto?s.(..) Je hoort tegenwoordig veel noemen, het dan maar opslaan van CO2 in de lege gasvelden in het Noorden. (? ) Ik merk op dat er afgesproken is dat we CO2 zouden gaan besparen en niet bewaren! (?) Mijn antwoord is: geen kolencentrales, maar duurzame en schonere (biomassa) centrales?.
Hein Aberson

?De overheid kan (lokaal en regionaal ) bedrijven en projectontwikkelaars verplichten om bij de bouw van o.a bedrijfsterreinen dit op een duurzame manier te doen, bv op grote schaal zonnepanelen op de daken van nieuwe gebouwen verplichten. Als dit in samenspraak gebeurt met Nuon en Essent, dan kan men ook goedkoper stroom inkopen en op bepaalde momenten kan het overschot weer aan het net geleverd worden (?).?†
Mark Boonstra

?Naar mijn idee zou de Partij voor het Noorden vooral moeten inzetten op alternatieve energie (wind, zon, waterstof) en juist ook op verbetering van veel betaalbaarder (en soms gratis) OV. (..) En verder inzetten op energiebesparing: bedrijven (belastingtechnisch) daarvoor belonen, evenals huishoudens als ze aantoonbaar minder energie gaan gebruiken.!?
Fleur Woudstra



(4 juli 2007)

 


Iris Kloosterman nieuwe fractieassistent Partij voor het Noorden provincie Groningen†
door Iris Kloosterman

Mijn naam is Iris Kloosterman, ik ben 19 jaar en ik werk sinds half April voor de Partij voor het Noorden als fractieassistente (part time).†

In mijn dagelijkse leven ben ik studente. Ik heb net mijn SPW4 diploma behaald en start na het reces met de opleiding Maatschappelijke Dienstverlening. Ook werk ik part time in Nieuw Toutenburg, een verzorgingstehuis voor allerlei doelgroepen. Ik zelf werk specifiek met de doelgroep Korsakov.†

Doordat mijn vader al lang in de politiek zat en mij naar vele bijeenkomsten meenam, raakte ik zelf ook geintresseerd in de politiek. Daarom heb ik op jonge leeftijd, 12 jaar, in de kinderraad in Buitenpost gezeten. We moesten een project opzetten en daarmee iets in ons dorp verbeteren. Dit plan mochten we in Den Haag aan de ministers presenteren en uiteindelijk werd er 1 plan uitgekozen. Op de middelbare school deed ik mee aan iets soortgelijks, alleen speelde dit op het gemeentehuis en had dit echt betrekking op de gemeente. Ik vond het heerlijk om met andere mensen in debat te gaan en om mensen te overtuigen.†

Toen er een vacature bij Gemeentebelangen Friesland vrij kwam en ze mij ervoor benaderden hoefde ik hier niet lang over na te denken. Ik wilde wel wat meer over de politiek te weten komen. Daar heb ik bijna 3 jaar vol gemaakt en inderdaad veel geleerd.†

Toen de verkiezingen er aan kwamen wilde ik me ook verkiesbaar stellen. En dat is uiteindelijk een van mijn leukste 'politieke' ervaringen geweest tot nu toe. Als de jongsten van de lijst kregen we de kans op veel debatten te doen en in forums te zitten. Uiteindelijk heb ik 185 stemmen gekregen, maar een zetel zat er voor onze partij niet in.

Toen belde Teun Jan op een avond en belandde ik op de turfsingel op het kantoor van de Partij voor het Noorden. Mijn werkzaamheden bestaan vooral uit; organiseren, notuleren, archiveren, assisteren en contacteren.

Dus mijn politieke carriere is nog niet afgelopen!

Iris Kloosterman



(4 juli 2007)

 


Drent, Drents:
Tweei passen†

door Wilm Drent

?t Is alweer een toertie leden dat ?t in ?t neis was, mor ik wil ?t er hier toch nog even over hebben. Paartie Nederlaandse politici vinden dat Nederlanders die ok een pas (paspoort) hebben van een aander laand en dus tweei nationaliteiten hebben, eein pas inlevern moeten, omreden ze aans niet loyaol weden zullen an Nederlaand. Ik heb nooit weten dat loyaoliteit in een stukkie papier zitten kun.†

Je kunnen ja wel joen pas inlevern, mor nooit joen identiteit. Ik vin dit echt weer zu?n plan die bedocht is deur mŤensen die wŤens hebben naor eeindudigheid. Mor jammer genog veur heur, binnen der niet zo veul zaoken die eeindudig binnen.†

Aj geboren worden, hej drekt al een stuk of wat rollen die almaol deeil binnen van je identiteit. Elkeneein is daolijk al zeun of dochter, breurtie of zussie, kleinkind, misschie wel achterkleinkind en oom- of taantezegger. Daor hej ja heulemaol gien last van.

Een dubbele nationaliteit en tweei passen heuif ok gien prebleem te weden. ?t Wordt pas een prebleem aj die mŤensen vraogen eein pas in te levern, een keuze te maoken en ze zo ?t geveuil geven dat ze een deeil van heur identiteit op moeten geven. Dat is ?t zŲlfde as eein de gemeeine vraog stellen: Hol je meer van je pap of je mam? of misschie nog slimmer: Wel van joen kinder is joe ?t leeifste?

Mor misschie heb ik wel makkelk praoten, ik bin grootbrocht in ?t DrŤents en ik heb op schooul Nederlands leerd. Dat, deur die tweeitaoligheid heb ik Ťengelijk ok een dubbele identiteit. De meeiste Grunnegers, Freeizen en Drenten veuilen heur vanzŲlf Nederlander, mor zeker ok Grunneger, Freeis en Drent, en daor hebben ze gien pas veur neudig om dat te veuilen.

Misschie moew wat meer tweeitaolig volk oet het noorden van ?t laand in de Tweeide Kaomer hebben. Die snappen zukke zaoken vast wat beter.

Wilm Drent


(4 juli 2007)

 


Zusterpartij in Ostfriesland: Die Friesen†
door de redactie

Op 21 juni jl. is in Hesel een regionale politieke partij voor Ostfriesland en omstreken opgericht. De partij heeft de naam ?Die Friesen? gekregen en wil gaan meedoen aan de parlementsverkiezingen van Niedersachsen, begin volgend jaar.

Als voorzitter is Arno Rademacher uit Leer gekozen, en als vice-voorzitters Sabrina Koetsier uit Weener en Dietmar Riekena uit Aurich.

De partij wil de noordwestelijke regio van Duitsland economisch sterker maken en bij de politici van de regering in Hannover beter op de kaart zetten.

Na de oprichtingsvergadering had de partij al 22 leden en het aantal stijgt gestaag. Over de naam van de partij is lang gediscussieerd. Uiteindelijk wird voor ?Die Friesen? gekozen, omdat dit tussen de andere partijen, zoals ?Die Linke? en ?Die GrŁnen? als vertrouwd staat.

Bij de oprichting kreeg de jonge partij felicitaties en aanmoedigingen van de Europese Vrij Alliantie (EVA), de FNP en de Partij voor het Noorden.

We zullen vast nog veel van deze partij gaan horen.

Nieuwsbrief 1

Nieuwsbrief 1
Nieuwsbrief 1 De eerste Nieuwsbrief¬†door de redactie Afgelopen zomer ontstond het idee om deel te nemen aan de provinciale verkiezingen in maart 2003. Een brutaal plan, ingegeven door de manier waarop Den Haag omgaat met beloftes aan het Noorden. Noord-Nederland speelt maar een kleine rol in de Haagse politiek. Het was zelfs zo, dat sinds mei vorig jaar in de Tweede Kamer Noorderlingen …
 

Nieuwsbrief 68

Nieuwsbrief 68
Onze nieuwe nieuwsbrief is klaar. Wilt u hem lezen: Klik hier om de pdf in een externe reader te openen.