Home > Nieuwsbrieven > Nieuwsbrief 21
Nieuwsbrief 21 PDF Afdrukken E-mail
woensdag, 16 december 2009 13:34
AddThis Social Bookmark Button

Nieuwsbrief 21

Groningen, 29 maart 2004

 

Europese verkiezingen!

Foto: Coby Laanstra

Afbeelding: Een delegatie van de Partij voor het Noorden oriënteert zich in Brussel. V.l.n.r: Robert Schliessler, Jan van der Baan, Kerst Huisman, Nelly Maes (Europese Vrije Alliantie) en Teun Jan Zanen.(foto: Coby Laanstra)

De Partij voor het Noorden ziet Noord-Nederland als een Europese regio. Europa staat de komende maanden uitdrukkelijk op de agenda. In deze Nieuws-brief aandacht voor onze Europese plannen.

Redactie:
Dana Kamphorst en Hilbert Koetsier, m.m.v. Teun Jan Zanen en Haarm Diek

Foto's:
Tjeerd Oliemans en Geert Staats

 

 


De Europese verkiezingen 
door Teun Jan Zanen

Op 10 juni aanstaande vinden in Nederland de Europese verkiezingen plaats. Dat feit heeft de Partij voor het Noorden aan het denken gezet. Gevolg daarvan is dat zij momenteel overweegt om aan die verkiezingen deel te nemen.

Waarom willen we überhaupt meedoen met deze verkiezingen? Uiteraard om een aantal van te voren geformuleerde doelstellingen te realiseren. 

De eerste doelstelling van de Partij voor het Noorden is om opnieuw aandacht te verkrijgen voor het idee van landsdelig bestuur.

Het idee van het in het Nederlandse staatsbestel mogelijk maken van landsdelig bestuur (of, zoals de Belgen zeggen, van “deelstaten”, of zoals de Spanjaarden zeggen, van “autonome regio’s”), in het bijzonder in Noord-Nederland, staat centraal. Die gedachte moet over het voetlicht en op de nationale politieke agenda komen. Ook in andere delen van Nederland speelt de vraag in welke mate er sprake moet zijn van een verdere decentralisatie vanuit het Rijk naar provincies of de ook daar in te stellen landsdelen (zie bijv. het rapport Geelhoed). Vandaar dat de Partij voor het Noorden een beroep doet op de andere onafhankelijke, regionale partijen in Nederland om de campagne van de Partij voor het Noorden te steunen.

De tweede doelstelling betreft het als Partij voor het Noorden (en ook onder die naam) deelnemen aan de verkiezingen zowel in Groningen, Fryslân als Drenthe (alsook in de rest van Nederland). Het behalen van flink wat stemmen bij deze verkiezingen, in het bijzonder in de drie Noordelijke provincies, zou betekenen dat de Partij voor het Noorden flink aan invloed wint. 

De derde doelstelling betreft uiteraard het behalen van een zetel in het Europese Parlement. Mocht dat lukken (de Partij voor het Noorden moet dan 3,7% van alle in geheel Nederland uitgebrachte stemmen op zich hebben verzameld), dan ligt in dat parlement aansluiting bij de Europese Vrije Alliantie (EVA) voor de hand. Deze EVA wordt gevormd door een groep Europarlementariërs die in eigen land, en daar vooral door toedoen van de eigen regio, gekozen zijn. Momenteel betreft dat de regio’s Vlaanderen, Catalonië, Schotland, Wales, Baskenland, Andalusië en Galicië. 

De EVA ziet zichzelf als de Democratische Partij van de Europese Volkeren. Zij verenigt politieke partijen in Europa met een regionaal, nationalistisch of autonomistisch karakter die de beginselen van de parlementaire democratie en de mensenrechten expliciet onderschrijven. In het Europese Parlement heeft de groep EVA-parlementariërs de nu aflopende zittingsperiode samengewerkt met de groep De Groenen. Samen vormden zij de drie na grootste fractie in het Europese Parlement.

Teun Jan Zanen


(29 maart 2004)

 


Cultuur 
door Teun Jan Zanen

De Partij voor het Noorden beschouwt “cultuur” als een belangrijk maatschappelijk terrein.

Voor de Provinciale Staten van Groningen gaat “cultuur” om de bundeling van instellingen die onder die noemer subsidie vragen bij en vaak ook krijgen van de provincie. Elke vijf jaar stelt de provincie nieuwe criteria op waarmee zij beoordeelt of initiatieven of instellingen in aanmerking komen voor subsidie. De Staten wilden, voordat zij het nieuwe cultuurbeleid zouden vaststellen, wel eens “uit het veld” vernemen hoe over het provinciaal beleid gedacht wordt, welke kritiek er leeft en waar de accenten de komende periode zouden moeten komen te liggen.

Op 17 maart j.l. defileerde een boeiende stoet “culturele” organisaties langs de commissie cultuur van Provinciale Staten. Het betrof de volgende categorieën:

- instellingen bezig met erfgoed, geschiedenis en taal
- musea (in alle soorten en maten)
- amateur theatergroepen, dansgezelschappen, muziekinstellingen
- initiatieven op het vlak van nieuwe media
- bibliotheken en promotoren van boeken en literatuur.

Werelden van verschil vielen vast te stellen, bijvoorbeeld tussen het Grand Theater (nu een professioneel, alom erkend theater en podium) en het Grunneger Genootschap (een stervende club van verenigingen van Groningers woonachtig in andere landstreken). Of tussen het plechtige Rijksmuseum Nienoord en de door honderden vrijwilligers gedragen ‘Op Roakeldais’. Verder koren, orgels en molens en wat al niet.

De Partij voor het Noorden heeft zelf een projectgroep opgericht die moet aangeven waar wij de accenten willen zetten. Uiteraard gaat het ons om versterking van de regio. De uitstraling van cultuur moet als een magneet werken: in Noord-Nederland gebeurt het! 

In de Staten trachten wij de door ons gekozen invalshoek in het beleid gehonoreerd te krijgen. (Belangstelling voor de projectgroep? Meld je aan op het partij kantoor: 050-3604442).

Teun Jan Zanen


(29 maart 2004)

 


Vragen over het wel en wee van ICT-Groningen
Vanuit de fractie 

door Hilbert Koetsier

Onze fractie heeft schriftelijke vragen gesteld aan het college van Gedeputeerde Staten van Groningen over een aantal zaken die spelen in de ICT-sector in Groningen. De directe aanleiding was het faillissement van een ICT-bedrijf, maar al eerder was ons wat gemopper uit de sector ter ore gekomen.

Eigenlijk heeft Groningen weinig te mopperen, want de regio heeft uitstekende ICT-faciliteiten, waarmee ook in de toekomst hoogwaardige internetdiensten (bijvoorbeeld multimedia) in Nederland en daarbuiten, aangeboden kunnen worden. Er ligt een grote internationale datakabel, waaraan moderne computerruimtes gekoppeld zijn, en er zijn snelle glasvezelver-bindingen in ontwikkeling tussen Groningen (Groningen Internet Exchange, GN-IX), Amsterdam en Hamburg.

Waarom dan toch kritische vragen stellen? Het lijkt erop dat er soms problemen ontstaan doordat (semi-) overheidsinstellingen botsen met gespecialiseerde marktpartijen. De overheid is mede-investeerder in de huidige data-infrastructuur en het is daardoor logisch dat zij een vinger in de pap wil houden. Maar de ontwikkeling van de ICT-wereld gaat vaak sneller dan besluitvorming van de overheid. De overheid mag helpen, maar moet er wel voor zorgen dat ze kan meekomen met de snelheid van dit vakgebied – anders worden er kansen gemist.

ICT-ondernemers zijn veelal heel slimme mensen – en er zijn er ook heel wat met hart voor het Noorden. De laatsten deinzen er niet voor terug, vanuit Noord-Nederland deel te nemen aan een internationale bedrijfstak. 
De lokale en regionale overheden moeten die ontwikkelingen in elk geval niet afremmen!

Hilbert Koetsier, fractiemedewerker


(28 maart 2004)

 


'Boren' in de waddenzee 
door Teun Jan Zanen

De regering heeft een commissie ingesteld om te onderzoeken hoe omgesprongen moet worden met de Waddenzee: de commissie-Meijer.

Wat is er aan de hand? Twee zaken vragen om een duidelijk beleid: de kokkelvisserij en de winning van gas van velden die liggen onder de Waddenzee. De boerenslimheid van het kabinet-Balkenende luidt klaarblijkelijk als volgt: we verbieden de kokkelvisserij of leggen die in elk geval enigszins aan banden, waartegenover we de NAM toestemming geven het aardgas van onder de Waddenzee te winnen.

Was een dergelijke uitkomst de vooropgezette bedoeling van het instellen van deze commissie? De lotgevallen ervan doen dat wel vermoeden: het rapport is n.b., terwijl ik dit artikel schrijf, nog niet eens verschenen. Wel lekte de inhoud uit. Commissaris Alders bepleit opeens in het openbaar dat gaswinning van onder de Waddenzee moet kunnen, het gevaar voor het waddenmilieu zou verwaarloosbaar zijn. Verder (om de boel te paaien?) stelt hij dat de extra staatsinkomsten van deze aardgaswinning aan goede doelen zouden kunnen worden besteed: investeren in duurzame energie of financiering van milieubegeleidings-projecten in de Waddenzee zelf. Een interessante gedachte: de aardgasbaten ten goede te laten komen aan de economische en ecologische ontwikkeling van Noord-Nederland (eindelijk!).

Wetenschappelijk zou zijn aangetoond, dat bodemdaling en –verzakking het wetland-Waddenzee niet zou aantasten. Die onderzoeken moeten nog maar eens goed worden bestudeerd. Bovendien betekent de bodemdaling wel degelijk een aantasting van de veiligheid van de dijken (wordt de dan noodzakelijke ophoging vanuit het gasgeld betaald?) en een extra gevaar voor Noord-Groningen en Noord-Friesland voor wateroverlast bij extreme regenval, omdat men het overtollige water niet meer op tijd weg kan krijgen. 

De Partij voor het Noorden zegt: laat dat gas voorlopig maar zitten. Onderzoek de milieukundige effecten nog maar eens goed. En als we t.z.t. zouden gaan winnen, dienen de volledige baten ten goede te komen aan Noord-Nederland: een groot deel om de negatieve gevolgen van de winning op te vangen en de rest om de economische infrastructuur te versterken. 

En overigens zijn wij van mening dat de huidige aardgasbaten nu al voor een groot deel ingezet moeten worden voor een versterking van de economische infrastructuur van Noord-Nederland!


(29 maart 2004)

 


De Partij voor het Noorden in Europa 
door het bestuur

Wat een stout plan: deelnemen als Partij voor het Noorden aan de Europese verkiezingen. Voordat we besloten serieus te onderzoeken of er voldoende draagvlak voor een dergelijk plan zou zijn, hebben we heel wat discussies gevoerd.

Ten eerste werd in Noord-Nederland, op initiatief van de denktank Nieuw-FoArum, een discussie over dit onderwerp gevoerd door de onafhankelijke, regionale partijen: de FNP en de FGF in Friesland, de OPD en Drents Belang in Drenthe en de Partij voor het Noorden in Groningen. 

Ten tweede vond er, op initiatief van Noord-Holland-Anders, op landelijk niveau een gesprek plaats tussen alle bij de Onafhankelijke senaatsfractie (OSF) aangesloten onafhankelijke, regionale partijen. Het noordelijk beraad werd even opgeschort totdat er in landelijk verband meer klaarheid zou zijn. Landelijk besloot men zich evenwel niet gezamenlijk in dit avontuur te storten. Mocht men in het Noorden het initiatief wel oppakken, dan zou uiteraard tijdens de campagne de nodige steun kunnen worden geboden.

Daarna trok Nieuw FoArum, na nadere consultatie van de noordelijke partijen, de conclusie dat alleen de Partij voor het Noorden actief haar kansen zou willen onderzoeken. Met name de FNP-opstelling was in de Noordelijke verhoudingen van belang. Die partij koos er evenwel voor om dit jaar af te zien van het op enigerlei vorm deelnemen aan die Europese verkiezingen. Wel willen zij de komende jaren in het kader van de Europese Vrije Alliantie (EVA), waarvan zij lid zijn, actief meewerken aan de opbouw van een Europese partij.

De Partij voor het Noorden besloot vervolgens, na rijp beraad, om te onderzoeken welke maatschappelijk steun zij zou kunnen mobiliseren voor zo’n plan. Als voldoende Noorderlingen het initiatief steunen en ook feitelijk voldoende financiële steun bieden doet de Partij voor het Noorden mee en gaat zij actief campagne voeren. Uiteraard vooral in Noord-Nederland, maar met behulp van de OSF-partijen toch ook elders in den lande.

Wij creëren ons hiermee de kans om over de positie van regio’s in het toekomstige Europa te discussiëren. Tegelijkertijd betekent dat discussie over de noodzaak van de invoering van landsdelen in Nederland. Precies onze thema’s. De campagne biedt ons een prachtig podium voor onze ideeën. Iedereen, dat wil zeggen al onze leden en sympathisanten, kan daaraan meedoen.

De kans op een zetel is klein (je moet dan 3,7% van alle in Nederland uitgebrachte stemmen op je verenigen, oftewel zo’n tweehonderdduizend stemmen), maar een goede score in Groningen, Fryslân en Drenthe alleen al betekent een fantastische versterking van onze positie in het noordelijke politieke krachtenveld.

Mochten we plotseling de wind fors mee krijgen en wel een Europese zetel veroveren, dan zijn wij niet slechts een klein cluppie uit een klein Europees landje. Nee, in dat geval zouden wij ons kunnen aansluiten bij de eerder genoemde EVA. De EVA wordt momenteel gevormd door een groep van tien Europarlementariërs, namelijk uit Schotland, Wales, Vlaanderen, Arragon, Baskenland, Catalonië, Galicië en Andalusië. Daarnaast kennen zij aangesloten partijen die momenteel (nog) niet in het Europese parlement vertegenwoordigd zijn, zoals bijvoorbeeld de FNP.

Ook de Partij voor het Noorden zou zich bij de EVA kunnen aansluiten. Een delegatie van ons heeft in dat kader een oriënterend bezoek gebracht aan die groepering in Brussel. Wij werden ontvangen door de voorzitster: Nelly Maes uit Vlaanderen.

Mochten wij op 27 april inderdaad besluiten mee te doen aan de Europese verkiezingen, dan moeten we ons ook nader beraden over onze relatie tot deze interessante Europese, politieke stroming.



 

De Europese campagne


29 maart: ledenvergadering eerste bespreking programma
19 april: ledenvergadering vaststellen programma en kandidatenlijst
27 april: beslissing inzake het al dan niet deelnemen (Indien positief, dan…)
28 april: indienen van de kandidaten-lijst bij de Kiesraad
29 april: start van de campagne voor de Europese verkiezing
10 juni: verkiezingen


(29 maart 2004)

 


De eerste debatten en media-optredens
door de redactie

 

  • 29 februari: Radioprogramma Ontbijtradio van de VARA; interview met Teun Jan Zanen over de euroverkiezingen.
  • 4 maart: Radioprogramma Van Zes tot Noord van Radio Noord; interview met Teun Jan Zanen over de euroverkiezingen
  • 6 maart: Radioprogramma Spijkers met Koppen van de VARA vanuit de Oosterpoort in Groningen; debat tussen Marjo van Dijken (PvdA) en Teun Jan Zanen (Partij voor het Noorden) over Groningen en Europa.
  • 13 maart: Radioprogramma van Radio Winschoten; interview met Teun Jan Zanen en Jack Hage over de Europese verkiezingen. 
  • 13 maart: Radio-discussieprogramma Cassata van Radio Drenthe; debat tussen Albert Jan Maat (CDA) en Teun Jan Zanen (Partij voor het Noorden) over belangenbehartiging van Noord-Nederland via het Europees parlement.
  • 18 maart: Debat tussen Max van den Berg (PvdA) en Jan Oosterhaven (regionaal econoom) over “Gebruik van de Europese structuurfondsen is voor Noord-Nederland (in het vergrotende Europa) achterhaald”; Debat tussen Max van den Berg (PvdA) en Jan van der Baan (Partij voor het Noorden) over: “Voor het behoud van (….) een positieve eigenwaarde en identiteit zal een vergrotende EU gepaard moeten gaan met een politieke machtsverschuiving richting regio’s”.



Foto: Geert Staats
Persconferentie op het drie-provinciënpunt in Een-West op 11 maart jl. (foto: Geert Staats)


(29 maart 2004)

 


Een alternatieve visie:
“Europa, de BeNeLux en de Noordzeeregio” 

door de redactie

Wij ontvingen een brief van Sjoerd Groenhof uit de Friese Wouden. Hij toont zich daarin een voorstander van een Noordzeeregio. Zijn idee is dat je Europa zou moeten opbouwen uit louter grote, nationale staten (Nederland zou daartoe moeten opgaan in een nieuwe nationale staat: De Benelux). 

Direct onder de nationale niveaus passen dan kloeke regio’s of deelstaten met verregaande autonomie. Voor de nieuwe Benelux-staat denk hij dan aan bijvoorbeeld Vlaanderen (inclusief Zeeland), Brabant (Belgisch en Nederlands), Luxemburg (zowel het huidige Luxemburg als Belgisch Luxemburg), Wallonië, Limburg (Belgisch plus Nederlands), Holland (inclusief Utrecht), Gelre (inclusief Overijssel), Friesland (Groningen, Fryslân, Drenthe met mogelijk Noord-Holland-Noord en in de toekomst wellicht Ostfriesland). 

Hij is verder gefascineerd door het fenomeen taal. Standaardtalen en streektalen dienen actief ondersteund te worden. Taalpolitiek wordt een zaak van de deelstaten, waarbij uiteraard ook afspraken in grotere verbanden kunnen worden gemaakt.

De ideeën van Groenhof zijn het waard nader te worden bestudeerd en besproken.


(29 maart 2004)

 


Een fris en onafhankelijk geluid in het Noorden van Nederland
Een ingezonden brief van Minne Everhardus 

door Minne Everhardus

Sinds het ontstaan van de Partij voor het Noorden, mede na een advertentie in de krant, vallen mij twee dingen op:
Dat deze partij, intern en extern, een fris en onafhankelijk geluid blijft uiten, en dat de media daar matig in geïnteresseerd zijn, althans je hoort en leest er amper wat over.


Nu ben ik geen regelmatige kijker of luisteraar van de regionale radio en TV, dus daar kan het aan liggen dat ik iets gemist heb. Maar de keren dat ik wel wat meekrijg, gaat het echt niet over de inhoud, maar meer over de buitenkant. Media zijn vaak meer op zoek naar iets wat een klein schandaal kan worden, dus wie fatsoenlijk blijft wordt amper geciteerd. Als de fractievoorzitter van de Partij voor het Noorden een toespraak houdt, naar aanleiding van een motie over de thans weer eens actuele uitzettingsperikelen van uitgeprocedeerde asielzoekers, valt dat kennelijk niet genoeg op. De man is immers fatsoenlijk.

Media aandacht
Maar hoe moet deze nieuwe partij dan de aandacht van de media trekken? Zaken als een “noordelijk parlement” en de “aardgasbaten” zijn natuurlijk interessant, evenals de aandacht die men wil geven aan een snellere treinverbinding tussen Amsterdam-Groningen-Hamburg. Maar dat zijn thema’s waarin de media en het publiek niet steeds iets nieuws blijven zien. Misschien wordt het tijd dat een ander onderliggend thema wat meer aandacht krijgt.

Want een doel bij de Partij voor het Noorden is toch ook en vooral, om de noordelijke samenhang sterker te accentueren. Er zou vaart moeten worden gezet in de samenwerking tussen min of meer gelijkgestemde partijen in de noordelijke provincies. Tussen Nieuw FoArum en de Partij voor het Noorden lijkt het aardig te boteren, zoals mag blijken uit de voortgang van de eerder tot stand gekomen contacten. Maar richting Drenthe blijft het wat vaag; niet duidelijk is met welke groep het contact echt kan worden gelegd.

Foto: Tjeerd Oliemans
Teun Jan Zanen debatteert in het Haagse perscentrum Nieuwspoort. (foto: Tjeerd Oliemans)

Een eigen geluid
Ik denk, dat eens kan worden nagedacht over het laten horen van een eigen geluid, zowel in Groningen als in de andere twee provincies. Want met de eerstvolgende Staten-verkiezingen van over een jaar of drie in het vooruitzicht, is het zaak om dan “goed beslagen ten ijs te komen”. Ik zou het goed vinden, als in alle drie provincies de Partij voor het Noorden meedingt naar de stemmen van de kiezers. Want hoewel Nieuw FoArum in Friesland kennelijk ook op ongeveer dezelfde lijn zit, is de naam van de Partij voor het Noorden toch meer geschikt als gemeenschappelijke noemer.

Wellicht kan worden begonnen met een interprovinciale commissie, waarin leden uit Groningen, Friesland en Drenthe zich buigen over de centrale vragen en thema’s bij de volgende Statenverkiezingen. Ook zou het partijbestuur kunnen bestaan uit leden uit de drie provincies; mits dit niet ten koste gaat van de daadkracht en inhoudelijke kwaliteit.

Of hierbij de “onafhankelijke partijen” in Drenthe een rol kunnen en willen spelen, is voor mij ondergeschikt aan het “onafhankelijke geluid” dat de Partij voor het Noorden laat horen. Wat niet betekent dat bij de Drentse partijen misschien personen zitten die kunnen en willen meedenken en doen. Maar dit moet niet ten koste gaan van de identiteit en de inhoudelijke kwaliteit. Als daarnaast dus vooral gezocht wordt naar personen die onafhankelijk kunnen en willen denken, en die bovendien hopelijk nog enige bekendheid hebben, kan de Partij voor het Noorden misschien in alle provincies scoren, zodat in elk geval “ons” geluid wordt gehoord. Want het gaat tenslotte om de inhoud van dat geluid, niet om de spraakmakendheid.

Minne Everhardus,
Borger, maart 2004



(20 maart 2004)

 


Werkbezoek Blauwe Stad 
door Hilbert Koetsier

Vrijdag 19 maart heeft een vijftal mensen van onze partij eens goed in de Blauwe Stad rondgekeken. We werden meegenomen door dhr. Steentjes, agrariër te Oostwold en secretaris van de gemeentelijke overlegcommissie Scheemda. Na een kop koffie en uitleg over wat er in zijn visie momenteel gaande is in en rondom de Blauwe Stad, maakten we een tour door het gebied.

Dhr. Steentjes had met name kritiek op een anders gekozen waterweg naar het bestaande Nieuwe Kanaal. Deze nieuwe route, die binnenkort in de staten besproken zal worden, doorsnijdt het land van zeven agrarische bedrijven. Die bedrijven kunnen dan alleen hun landerijen bereiken via een grote omweg of een nieuw te bouwen brug.

Ook liet hij ons de bouw zien van een dijk, die momenteel gelegd wordt op een (zichtbare) veenlaag. Terwijl we toch het afgelopen jaar hebben geleerd dat zoiets in de toekomst problemen kan geven. 

Een uitvalsweg bij een NAM-locatie zou volgens hem opgewaardeerd kunnen worden om zwaar verkeer uit Midwolda te weren. De parallelweg langs de A7 zou volgens hem om dezelfde reden moeten blijven.

We bezochten ook het kantoor van de Blauwe Stad - een opmerkelijk rood gebouw langs de A7, wat nu middenin het land staat, maar over een paar jaar aan het water zal staan. Dit kantoor geeft met kaarten, foto’s en maquettes een goed beeld van de aanstaande bouwprojecten. 

In beginsel vindt de Partij voor het Noorden het project Blauwe Stad niet gepast in Oost-Groningen. Maar nu het er toch komt, willen wij graag meedenken om het project succesvol te laten worden. Wij horen daarom graag ieders mening over de voortgang. 

Kaart: www.deblauwestad.nl / PvhN
Klik voor een grotere versie. (Kaart: www.deblauwestad.nl / PvhN)


(29 maart 2004)

 


Haarm Diek: Noar anlaaiden van n referendum 
door Haarm Diek

Wat hier volgt, heb k schreven op 26 feberwoarie van dit joar. Zoas mien leesders waiten kennen, schrief k zukswat der aans nooit nait bie. Dat k t dit keer aal dou, het zien reden. Guster haren wie hier in Delfziel n referendum over n nije börgemaister. Dat keurspektoakel is nou mien oetgangspunt.

k Ben van geboorte n Stadjer. Vraauw en ik hebben meermoals joaren laank met nocht in Stad woond. Dou wie om en bie n joar leden noar Delfziel vervoaren gongen, zeden paardie lu: 'Noar Delfziel? Noar dij palternaksieboudel? Joe laiver as wie!' - Nou, t wonen hier in dainstenflet Hoogwatum is ons tot op heden goud bevalen! Veur mie is d'aibels mooie fietsomgeven belangriek. En met mensen hier gruien angenoame kontakten. t Bennen gain laiwen en gain lammer, t bennen - juust! - mensen.

Wat ons votdoadelk opvalen is: maiste lu, dij wie trovven, haren veul gouds over veurege börgemaister, over meneer Haaksman, te vertellen. Nait alemoal. n Olle zegswieze wil woar hebben: 'Wee u, als alle mensen goeds van u spreken!' Dij maiste lu wollen woar hebben, dat e haar op zug n kundeg en bekwoam bestuurder west, meschains wat te zaachte midden maank paardie roofdaaier, moar n schiere man, dij om heur blieven kend haar. Dat haren wie oet de medioa hail aans begrepen...!

Nou zallen wie hier - noa twij interimmanagers - n nije börgemaister kriegen. t Zal Maritje Appel wel worden. Dij het hoast twij daarde van stemmen bie ons hier verzoameld. t Liekt vraauw en mie n flinkerd tou. Ze het tiedens de kampanje bie ons op veziede west. k Heb heur dou vroagd, of ze wel n diplomoa laiwentemmen haar. Ze mos lagen, en ze zee, dat ze nait slim bange oetvalen was én dat ze was hail wat wend.

Wat mie meermoals aargerd het, is, dat tiedens de nait zunder onnure stried verlopen kampanje aalvot derbie zegd wer, van welke partij baaide kandidoates wazzen: Maritje Appel, P.v.d.A. en Jon Hermans, VVD. Dou guster veur Aaltied wat aans van Roadio Noord vroagd wer, op welke kandidoate lu stemmen gongen, wazzen der lu bie, dij zeden: 'Op ... vanzölf, van dij is van mien partij.' Zukswat heurde k loater op d'oavend ook op roadio, en zag/heurde k veur T.V..

Nou heb k niks op poletieke partijen tegen. In tegendail! k Ben ja bevubbeld vanof t alereerste begun bie onze Partij voor het Noorden. Moar ask an n referendum over n börgemaister dailneem, gaait de keur der nait over, of aine P.v.d.A. of VVD of nog wat aans is, moar of hai of zai geschikt veur dat amt is. En nait meer as dat hai of zai t wordt, is dij der nait veur n partij of n verbaand van partijen, moar veur de haile zoak. Joaren leden het menister Dales der roake dingen over zegd, moar zai was eerste en ainege nait en zal ainege nait blieven. Wie hebben gain Kok zus of Balkenende zo, gain Remkes van dizze of n Wallage van dij partij, wie hebben minister-prezidenten, ministers en börgemaisters, dij heur algemaine toaken zo goud as meugelk woarnemen mouten, al zallen ze heur ofkomst en achtergond nait kwiet worden, nait kwiet worden willen. Moar ze zallen in heur belaaid en in heur doaden boven heur partijbelangen oetstiegen mouten! Veurbeeld: nait meer as lokoale verkaizens west hebben, zallen kozen vertegenwoordegers van partijen gemaintebelangen dainen mouten, - en nait eerstens dij van heur partij. Ast knipt en knipt en duvels weer knipt, bennen ale partijen partijen veur Gemaintebelangen!

As besloet. Over n joar of wat wordt onze Teun Jan Zanen vanzölf tot prezident van Europoa kozen. Den wil k nait achter zien noame stoan zain: Partij voor het Noorden. Loat in tuzzentied onze partij zug - met andre partijen - onderschaaiden met dat t ons om de zoaken en nait om de partij te doun is.

O joa, wat vraauw en ik stemd hebben? Vraauw stemde op Maritje Hermans en ik op Jon Appel (hoast: Joan Haanappel, de eerder vernuimde kunstscheuvelster).

Haarm Diek

(29 maart 2004)

 

Partij voor het Noorden

Secretariaat:
Vossenkamp 124
9675 CM Winschoten
T: 0597 880054
postgiro: 9477607
kvk:02078982
© 2003-2011 Partij voor het Noorden

Perscontacten
Leendert van der Laan
06-40185410


 
 
 
Copyright © 2012 Partij voor het Noorden || tel: 050-3604442, www.partijvoorhetnoorden.nl
Realisatie: WDx2