Home > Nieuwsbrieven > Nieuwsbrief 6
Nieuwsbrief 6 PDF Afdrukken E-mail
woensdag, 16 december 2009 13:20
AddThis Social Bookmark Button

Nieuwsbrief 6

Groningen, 23 februari 2003

 

Redactie:
Dana Kamphorst en Hilbert Koetsier

Foto's:
Tjeerd Oliemans; RTV-Noord

 

 


Een woord vooraf van de lijsttrekker 
door Teun Jan Zanen

Beste leden, sympathisanten, vrienden en vriendinnen,

Het eerste feest
De campagne voor de Statenverkiezingen is van start. Enkele debatten hebben al plaatsgevonden en de eerste opiniepeiling is gepubliceerd. Ook hebben op een enkeling na jullie allemaal een affiche ontvangen en enkele flyers.
Om de stemming erin te krijgen organiseerden wij een startfeest in Nieuw Scheemda/’t Waar, afgelopen vrijdag. Onze vriend Jack Hage spande zich geweldig in om dit feest te organiseren: een plek, muziek, een leuke uitnodiging, publiciteit, enzovoort. Bovendien organiseerde hij een forumdebat, een prachtige act en bereidde hij een prijsvraag voor.
De vaste kern van activisten van de Partij voor het Noorden was uiteraard aanwezig op het feest, met hun aanhang. Om nog meer mensen te werven hebben we al onze bekenden nog even gebeld. Velen waren blij verrast met die aandacht. Helaas kon lang niet iedereen zich op die korte termijn vrijmaken.
Het feest was dus klein maar fijn. We hebben gedebatteerd, we hebben gedanst, we hebben elkaar weer wat beter leren kennen en we hebben vooral ook Jack in zijn onstuitbare dadendrang mogen aanschouwen en van hem mogen genieten.
Jack bedankt. En als we in de Staten komen organiseren we weer een feest en dan is iedereen er …………. Okay? Afgesproken!

De eerste peiling
De Partij voor het Noorden zit momenteel niet in de Provinciale Staten, we hebben daar nu nul van de vijf en vijftig zetels. Zou het ons lukken één of enkele daarvan te veroveren? Voorwaarde is dat we alom bekend zijn, dat men ons kent en dat men ongeveer weet waar wij voor staan. Daar moeten we dus campagne voor voeren. Allemaal meedoen s.v.p.
De eerste peiling van het Dagblad voor het Noorden/ RTV-Noord gaf ons nog geen zetel. 750 mensen waren naar hun mening gevraagd. Het bleek dat een kwart (25%) nog niet wist op wie ze zou gaan stemmen. 
Nu loopt er naast deze peilingen ook de stemwijzer (www.stemwijzer.nl) En die is nu juist bedoeld voor die kiezers die nu nog aarzelen op wie ze gaan stemmen. En wat blijkt (zie grafiek), 20% van die mensen blijkt na invulling van de stemwijzer het advies te krijgen om de Partij voor het Noorden te stemmen. Als al die mensen dat advies ook opvolgen halen wij dus 20% binnen van die bovengenoemde 25%. Dat zou betekenen dat 5% van alle kiezers hun stem op onze lijst uitbrengt. En dat zou goed zijn voor twee en een halve zetel!!! Dus, als we er met z’n allen aan trekken, dan kan dat echt gaan lukken.
Dus: kop d’r veur ......

(23 februari 2003)

 


Noordelijk parlement algemeen erkend!!
door Hilbert Koetsier

Dinsdag 18 februari jl. zijn we met een paar mensen naar de laatste vergadering van de Interprovinciale Statencommissie (IPSC) in de Statenzaal van het provinciehuis te Leeuwarden geweest. In deze commissie zitten statenleden van de drie Noordelijke provincies, die daar af en toe vergaderen over zaken die het Noorden als geheel aangaan (zie kader). We hebben daar onze ideeën over een Noordelijk Parlement aan de orde gesteld – en met goed gevolg!

Het bijzondere was, dat dit de laatste vergadering van de IPSC was. In de toekomst zal het Algemeen Bestuur van het SNN bestaan uit Statenleden uit de drie provincies. Zij moeten dan het dagelijks bestuur (gevormd vanuit de colleges van gedeputeerde Staten de de drie commissarissen van de koningin) gaan aansturen. Vanuit elke fractie in Groningen, Fryslân en Drenthe zit dan één vertegenwoordiger in dat Algemeen Bestuur. 

De Partij voor het Noorden protesteert tegen deze ontwikkeling. Het waarom kunt u lezen in het volgende artikel in deze Nieuwsbrief. 
Op de bovengenoemde bijeenkomst in Leeuwarden had Teun Jan Zanen spreekrecht aangevraagd en gekregen en hij mocht vertellen hoe de Partij voor het Noorden over de nieuwe samenwerkingsconstructie denkt. Dat deed hij uiteraard vol vuur. Aan het einde van die vergadering (de pers had de zaal al verlaten) werd ook door een aantal statenleden over het nieuw te vormen Algemene Bestuur gesproken. Zo was er kritiek van De Bruijne van PvdA-Groningen, die meende dat in zo’n nieuw Algemeen Bestuur waarschijnlijk weinig strategische discussies zouden gaan plaatsvinden. Hij verwacht dat de betrokkenheid van de statenleden bij het werk van het nieuwe AB eerder kleiner dan groter zal zijn dan bij de huidige IPSC. Hollenga van CDA-Groningen reageerde direct op de opvattingen en het partijprogramma van de Partij voor het Noorden; hij zag geen grote verschillen, doch wilde het idee van een landsdelig bestuur evenwel beslist niet omarmen. D66-Drenthe vond democratische controle op Noord-Nederlandse samenwerking wel heel belangrijk, maar vond het nog te vroeg voor een landsdelig bestuur met een direct gekozen Noordelijk parlement – wat wij eigenlijk wel een teleurstellende opstelling voor een D66-er vonden.

De belangrijkste uitkomst van deze bijeenkomst was wel, dat zowel PvdA als D66 pleitten voor een grondige evaluatie van het nieuwe Algemene Bestuur, en dat al direct na twee jaar. De Bruijne zei zelfs, dat die evaluatie zou moeten plaatsvinden in een gezamenlijke vergadering van de drie voltallige colleges van Provinciale Staten. “Dat”, zo stelde hij, “wordt wat hem betreft de eerste officiële zitting van het Noordelijk Parlement”. En dat standpunt werd stilzwijgend door de gehele IPSC overgenomen. De noodzaak van een Noordelijk parlement inzake het kritisch kunnen beoordelen van de Noordelijke samenwerking en om in dat verband zwaarwegende beslissingen te kunnen nemen is daarmee ook officieel erkend. De eerste zitting staat nu dan ook geagendeerd voor voorjaar 2005. Vanaf nu kan aan de voorbereiding daarvan gewerkt worden. 
Het standpunt van de Partij voor het Noorden heeft erkenning gevonden!

Nieuw FoArum (de ons bevriende, Noordelijke politieke beweging) had alle politieke partijen in Groningen, Fryslân en Drenthe voorgesteld om op 8 maart a.s. ’s avonds bijeen te komen als een soort eerste proeve van zo’n Noordelijk parlement. Vele partijen reageerden positief. De grotere partijen aarzelden evenwel. En toen kwam de discussie in de IPSC. Voor Nieuw FoArum was de min of meer officiële erkenning van het fenomeen ‘Noordelijk Parlement’ dermate belangrijk, dat zij de geplande, informele zitting (alias het door haar beoogde, Noordelijke verkiezingsdebat) op 8 maart a.s., gegeven ook de aarzelingen bij meerdere partijen, toen afgelastte. Vooral ook in het licht van het besluit van de IPSC om voorjaar 2005 de eerste zitting van zo’n Noordelijk parlement te laten plaatsvinden. Een erkenning van de noodzaak van zo’n parlement! En daar was het Nieuw FoArum om te doen.

We mogen Nieuw FoArum, Teun Jan en onszelf feliciteren met het bereikte resultaat: het begrip “Noordelijk Parlement” vindt nu algemene erkenning!


Wat is of was de IPSC?

De IPSC was een commissie, bestaande uit een aantal statenleden uit Groningen, Drenthe en Fryslân, die eens in de zoveel tijd vergaderde. Er werd dan gediscussieerd over onderwerpen die voor het Noorden als geheel golden. Onderwerpen die meestal werden aangedragen door het algemeen en het dagelijs bestuur van het Samenwerkingsverband Noord-Nederland (SNN): een samenwerkingsverband dat we in Noord-Nederland al een aantal jaren kennen.




(18 februari 2003)

 


Kritische kijk op de nieuwe fase van de Noordelijke samenwerking 
door Teun Jan Zanen en Hilbert Koetsier

De Partij voor het Noorden heeft kritisch gekeken naar de evaluatie van het Samenwerkingsverband Noord Nederland (SNN), naar de evaluatie van de werkwijze van de Interprovinciale Statencommissie (IPSC) en naar de voorstellen inzake de volgende ronde van Noordelijke samenwerking (opheffing van de IPSC en instelling van een Algemeen Bestuur van het SNN, bestaande uit statenleden). De opvattingen van de Partij voor het Noorden zijn in de laatste vergadering van de IPSC naar voren gebracht en uitgereikt aan de daar aanwezige statenleden uit de drie Noordelijke provincies, aan de huidige voorzitter van het SNN, commissaris der koningin in Fryslân Ed Nijpels en aan de pers. 
De kanttekeningen die we hebben gemaakt bij de voorstellen voor de nieuwe samenwerkingsronde zijn hieronder verkort weergegeven:

1. In een tijd waarin zowel op het gemeentelijke als op het provinciale vlak gewerkt wordt aan de invoering van het dualisme in de politiek, wordt met de voorgestelde nieuwe bestuursvorm van het SNN nu juist de omgekeerde weg bewandeld. Kon de IPSC met enige goede wil nog gezien worden als een soort volksvertegenwoordiging, dat geldt niet meer voor het nieuwe Algemeen Bestuur van het SNN. Dat bestuur wordt formeel verantwoordelijk voor het gezamenlijke noordelijke beleid. En daarmee verliezen de gekozen statenleden hun mogelijkheid tot kritische controle van het beleid. En daar draait het bij een gekozen parlement en bij dualisme nu juist om. Hier wordt dus gekozen voor monisme in zuivere vorm. Ons lijkt dit een onjuiste weg.

2. De discussie over samenwerking tussen Groningen, Fryslân en Drenthe is in de samenleving niet tot nauwelijks gevoerd. Dat is een democratisch tekort. De politieke partijen in de drie provincies zijn er niet in geslaagd een levendig publiek debat te organiseren over het functioneren van het SNN en over de controle daarop door de IPSC. Het voornemen om de IPSC op te heffen en om te vormen tot het Algemeen Bestuur van het SNN en het voornemen om dat op 19 maart a.s. door de drie afzonderlijke colleges van Provinciale Staten in oude samenstelling te laten besluiten, komt dan ook geheel uit de lucht vallen. Dit is een absoluut ondemocratisch gang van zaken. De kiezers krijgen niet eens de kans zich hierover uit te spreken.

3. Ronduit teleurstellend vindt de Partij voor het Noorden de wijze waarop het dagelijks bestuur van het Samenwerkingsverband Noord-Nederland (SNN) heeft gereageerd op de voorstellen van de commissie Geelhoed, die pleitte voor de instelling in Nederland van vormen van landsdelig bestuur. Het dagelijk bestuur van het SNN heeft Geelhoed vorig jaar laten weten de huidige samenwerking van de Noordelijke provincies voldoende te vinden en deze te willen continueren. Dit, terwijl de IPSC zelf signaleert, dat er bij de Noordelijke samenwerking sprake is van een gebrek aan slagvaardigheid en aan een duidelijke democratische legitimering.

Het lijkt erop dat niemand onder de noordelijke politici zijn nek durft uit te steken richting de voorstellen van de commissie Geelhoed, mogelijk omdat zij bang zijn voor eventuele onvoorziene consequenties van zo’n opstelling. Zelfs een niet direct betrokkene als burgemeester Jacques Wallage van Groningen, die recentelijk wel zijn nek durfde uit te steken in het TV programma Buitenhof”, kreeg nul op het request en kroop ijlings weer in zijn schulp terug.

(23 februari 2003)

 

Partij voor het Noorden

Secretariaat:
Vossenkamp 124
9675 CM Winschoten
T: 0597 880054
postgiro: 9477607
kvk:02078982
© 2003-2011 Partij voor het Noorden

Perscontacten
Leendert van der Laan
06-40185410


 
 
 
Copyright © 2012 Partij voor het Noorden || tel: 050-3604442, www.partijvoorhetnoorden.nl
Realisatie: WDx2